Onderzoekers hebben een als pinguïn vermomde radiografische robot ingezet bij het bestuderen van een groep keizerspinguïns. 

De wetenschappers onderzochten of het gebruik van dergelijke radiografische voertuigen meer natuurgetrouwe resultaten oplevert.

Dit in vergelijking met menselijk contact, dat de betrouwbaarheid van de onderzoeksresultaten kan beïnvloeden. Het ging namelijk om het meten van de hartslag van de pinguïns, waarvoor het meetinstrument niet verder dan zestig centimer van de vogels verwijderd mocht zijn.

Het onderzoek werd gepubliceerd in vaktijdschrift Nature Methods. Hieruit blijkt dat de groep onderzochte keizerspinguïns significant minder en tevens kortere periodes van stress ervoeren toen zij geconfronteerd werden met het voertuig, ten opzichte van contact met mensen. 

De onderzoekers vermomden het radiografisch bestuurbare voertuig hiervoor als een keizerspinguïnkuiken, inclusief grijze vacht, twee zwarte vleugels en een zwart-wit geverfde kop. 

Volgens een van de onderzoekers, Yvon Le Maho, reageerden de keizerspinguïns goed op de aanwezigheid van de robot. Zij bleven hun natuurlijke groepsgedrag vertonen en de veroorzaakte stress door het voertuig verdween snel weer, sneller dan bij contact met mensen.

Knuffelen

Enkele echte pinguïnkuikens knuffelden zelfs met de robotpïnguin en de volgroeide keizerspinguïns zongen "een heel speciaal lied dat als een trompelt" klonk, aldus Le Maho. 

Voor het onderzoek werd ook een gewoon radiografisch voertuig ingezet bij koningspinguïns, een minder schuchtere soort, en zeeolifanten. Hoewel daar aanvankelijk vijandig op gereageerd werd, konden ook daarmee de benodigde metingen worden verricht. 

Het is de bedoeling dat er in de toekomst meer onderzoek met dergelijke robots wordt gedaan om het gedrag van onder meer keizerpinguins verder te bestuderen. 

Deze robots gaan ons leven veranderen