Apple verbiedt het gebruik van twee gevaarlijke stoffen, benzeen en n-hexaan, in het productieproces van de nieuwe iPhone en iPad.

Het besluit volgt op een petitie van activistengroepen China Labor Watch en Green America, die vijf maanden geleden in het leven werd geroepen.

Apple deed daarop vier maanden lang onderzoek in 22 fabrieken, maar vond geen bewijs dat de twee stoffen de vijftigduizend fabrieksmedewerkers in gevaar brachten. Desondanks stopt het bedrijf dus met het gebruik van de twee chemicaliën in het productieproces.

Apple wil hiermee reageren op de zorgen en de blootstelling aan chemicaliën aan te pakken, zo zegt Apples topvrouw Lisa Jackson, die gaat over milieuzaken, tegenover AP. "We vinden het belangrijk om leiderschap te tonen en aan de toekomst te denken door groenere chemie te gebruiken."

Het bedrijf stopt overigens niet compleet met het gebruik van de twee stoffen. In de beginfase van het productieproces zal Apple het gebruik van de twee stoffen verminderen.

Apple is niet het enige bedrijf dat is bekritiseerd om het gebruik van benzeen en n-hexaan. De stoffen worden door veel technologiebedrijven gebruikt.

De fabrieken van Apple draaien momenteel op volle toeren in verband met de productie van de nieuwe iPhone, die waarschijnlijk op 9 september zal worden aangekondigd.

Bekijk foto's van de vermeende iPhone 6

Zo gaat de nieuwe iPad Air eruit zien