De Formule 1 wordt al een aantal seizoenen ingedeeld in een A-kampioenschap en een B-kampioenschap, waarbij Mercedes, Ferrari en Red Bull Racing de prijzen verdelen en de zeven andere teams de kruimels krijgen. Dat dreigt in 2019 te veranderen in drie kampioenschappen, waarbij Mercedes opnieuw een eigen buitencategorie vormt.

In 2014, 2015 en 2016 domineerde Mercedes de Formule 1 al met een ijzeren greep. Daarna pakte Ferrari de handschoen op en kon het twee seizoenen goed partij bieden aan de Duitse formatie, waarbij ook Red Bull met regelmaat een zege kon meepikken.

Voor het eerst sinds de invoering van de turbo-motoren in 2014 kreeg de formatie van kopman Lewis Hamilton te maken met druk. Dat is na vijf dubbelzeges in 2019 weer verdwenen.

De Grand Prix van Spanje was hiervan een tekenend voorbeeld. Terwijl Ferrari met hoge verwachtingen arriveerde in Barcelona, met een verbeterde motor en een stevige update, was het Mercedes dat de dominantie bevestigde. In de kwalificatie rekenden Hamilton en Valtteri Bottas, met gemak af met Ferrari en Red Bull. En ook in de race kwamen de zilveren pijlen - ondanks een safetycarsituatie - niet in de problemen.

Daarmee tart Mercedes een oude Formule 1-wet, die voorschrijft dat aan elke dominante fase van een team een einde komt. Het lijkt met een kwart seizoen al vast te staan dat Hamilton of Bottas kampioen gaat worden, waarmee het team voor het zesde seizoen op rij de rijderstitel op gaat leveren.

Dat lukte zelfs Ferrari en Michael Schumacher niet in hun dominante periode begin deze eeuw. De Duitser werd destijds vijf keer op rij kampioen. Ferrari werd in die periode wel zes keer op rij constructeurskampioen, een record dat Mercedes dit jaar vrijwel zeker gaat evenaren.

Overwinningen sinds 2014 (105 races in totaal)

  • Mercedes - 79
  • Ferrari - 14
  • Red Bull Racing - 12

Mercedes won tot nu toe alle races dit seizoen. (Foto: Getty Images)

Is Mercedes wel blij met deze dominantie?

De vraag is in hoeverre Mercedes blij is met deze mate van dominantie. De afgelopen twee seizoenen zeiden teambaas Toto Wolff en Hamilton om beurten hoezeer ze genoten van de strijd met Ferrari.

Ook Mercedes beseft dat de Formule 1 gebaat is bij een spannende strijd. Een overwinning geeft meer voldoening als die uit een fel gevecht komt en de marketingwaarde van zo'n zege is dan ook hoger.

Het is niet voor niets dat er de afgelopen jaren geruchten gingen dat Mercedes andere teams, waaronder ook Verstappens motorleverancier Honda en mogelijk zelfs Ferrari, zou hebben geholpen om op tempo te komen. Waar of niet, in 2017 en 2018 was er een heuse titelstrijd en won Mercedes uiteindelijk maar net iets meer dan de helft van de races.

Top vijf WK-stand 2019

  • Lewis Hamilton - 112 punten
  • Valtteri Bottas - 105 punten
  • Max Verstappen - 66 punten
  • Sebastian Vettel - 64 punten
  • Charles Leclerc - 57 punten

Ferrari had nu dominante team moeten zijn

Na twee seizoenen als echte uitdager leek Ferrari dit seizoen de nieuwe te kloppen partij te worden, zoals het natuurlijke verloop in de Formule 1 zich al jaren afspeelt. Spetterende rondetijden bevestigden dit beeld en ook halverwege de Grand Prix van Bahrein had het er de schijn van dat Ferrari de zaken nu echt goed op orde had.

Het Italiaanse topteam is echter nog meer dan de afgelopen jaren verzand in een web van strategische blunders, operationele missers en rijdersfouten. Verstappen dwong de derde plaats in Barcelona zelf af, maar werd wel geholpen door een probleem met een band bij Sebastian Vettel, het gevolg van weinig doortastende teamorders en twee te lange pitstops bij Ferrari.

De weg naar de derde plaats in de eindstand ligt daarom open voor Verstappen, mits hij blijft profiteren van het tegenvallende Ferrari en zijn team de auto op hun zo kenmerkende wijze blijft ontwikkelen.

Het zou voor de Limburger in zijn ontwikkelingsjaar met Honda de ideale opmaat zijn naar een echte titelcampagne in 2020. Als Ferrari Mercedes niet van de troon kan stoten, moeten Red Bull en Verstappen het maar doen.

Max Verstappen eindigde de GP van Spanje als derde. (Foto: Getty Images)