Red Bull Racing, Toro Rosso en het fabrieksteam van Renault moeten in eerste instantie geen wonderen verwachten van hun motor voor het aanstaande Formule 1-seizoen. Leverancier Renault waarschuwt dat de teams pas later in 2017 profijt zullen hebben van de nieuwe krachtbron.

Omdat de nadruk bij het ontwerpen op de betrouwbaarheid ligt en niet op prestaties, zullen Max Verstappen (Red Bull) en de andere coureurs met een Renault-motor even geduld moeten hebben.

"Ik ben liever wat behoudend met mijn verwachtingen van de motor aan het begin van het seizoen", zegt sportief directeur Cyril Abiteboul van Renault tegen Motorsport.com. "Maar het is zeker een motor met mogelijkheden tot doorontwikkeling."

Volgens Abiteboul heeft Renault op dat gebied baanbrekende ideeën. "Waarvan de meeste, voor zover ik weet, nog nooit vertoond zijn. Ik kan natuurlijk niets onthullen, maar we zijn ontzettend blij met de mate van innovatie. Maar dan gaat het dus niet over de start van het nieuwe seizoen, maar over de lange termijn", benadrukt de Fransman.

"We richten ons nu vooral op de betrouwbaarheid voor de komende drie of vier jaar, dus dat betekent dat we niet meteen een grote stap voorwaarts kunnen verwachten op het gebied van prestaties."

Krachtsverhoudingen

Red Bull liet eerder al weten dat het verwacht weer om de wereldtitel te kunnen strijden als de nieuwe motor van Renault in de buurt komt van die van concurrent Mercedes. Volgens Abiteboul is het echter te vroeg om dergelijke voorspellingen te doen.

"Ik weet niet hoe Red Bull zich een voorstelling kan maken van waar zij volgend jaar staan. Maar als ik kijk naar hoe snel onze auto zich ontwikkelt in de windtunnel, dan zal dat voor alle teams hetzelfde zijn. Het is dus heel erg moeilijk om een inschatting te maken van de krachtsverhoudingen."

De topman van Renault laat er echter geen misverstand over bestaan wat zijn ambitie is: "We willen de beste motor op de grid. Niet op één procent van Mercedes, maar echt de beste. En daar geloof ik in."