Werkgevers en werknemers kunnen elkaar gemakkelijk vinden als het gaat om de eerste oplossingen van de economische crisis als gevolg van de corona-uitbraak. De steunpakketten werden mede door de polder opgetuigd. Maar op structurele vraagstukken voor de langere termijn, zoals de aanpak van de flexibilisering op de arbeidsmarkt, hebben de partijen nog geen gezamenlijk antwoord.

"Werkgevers zijn verslaafd aan lage lonen en flexcontracten. Daar moet iets aan gedaan worden", zegt FNV-voorzitter Tuur Elzinga tegen NU.nl nadat hij samen met Ingrid Thijssen, de voorzitter van werkgeversclub VNO-NCW, informateur Mariëtte Hamer had bezocht.

"We zijn het eens over wat er op de korte termijn moet gebeuren. Maar voor de lange termijn moeten een aantal harde noten worden gekraakt", aldus Elzinga.

Thijssen is het daarmee eens. Ze heeft goede hoop dat werknemers en werkgevers afspraken kunnen maken over de belangrijke vraagstukken op de arbeidsmarkt, al begint het wel een beetje "kort dag" te worden als ze voor de zomer klaar willen zijn.

Polder niet meer in de mode bij politiek

Het is sowieso de vraag of de polder zelf met een omvangrijk akkoord komt dat aan de politiek voorgelegd kan worden, zoals dat in 2013 gebeurde. Niet alleen zijn de partijen het niet eens over in hoeverre een vast contract té vast is en een flexcontract té flex; in Den Haag wordt ook over een nieuwe bestuursstijl nagedacht, waarbij de politiek eerst aan zet moet zijn in plaats van dat vraagstukken eerst door belangenorganisaties worden afgekaart.

"Een advies of akkoord uit de polder is een middel, het gaat om het doel dat mensen het beter krijgen", zegt Elzinga daarover. "We zijn het vaak oneens in de polder. Maar als we het eens worden, dan zijn het vaak goede oplossingen voor de samenleving en voor de economie. Het zijn oplossingen met draagvlak. Ik zou daar gebruik van maken als het kan."

Thijssen ziet in deze trend evenmin een bedreiging. "Men moet zich de waarde van de polder en de waarde van akkoorden realiseren. Daarmee komt praktijkkennis en praktijkexpertise echt aan tafel. Je moet dat kind niet met het badwater weggooien."

Beiden hebben in gesprek met Hamer benadrukt dat het kabinet vooral moet investeren om uit de crisis te komen, en dat ook moet blijven doen om het herstel aan te jagen, en dat het vooral niet moet gaan bezuinigen. Het kabinet heeft tot nu toe ook steeds laten weten dat te willen doen.

Advies ligt al lange tijd klaar

Een voorschot op de discussie over de arbeidsmarkt werd in januari vorig jaar gegeven door de commissie-Borstlap, net voordat de coronacrisis uitbrak. De belangrijkste conclusies waren dat werkgevers eenvoudiger personeel moeten kunnen ontslaan en dat flexibele arbeidscontracten zoveel mogelijk moeten worden teruggedrongen. Het kabinet liet al weten dat het zich kan vinden in de hoofdlijnen van dat rapport.

De coronacrisis legde bloot waar de pijnpunten van de arbeidsmarkt liggen: zzp'ers en werknemers met een flexcontract vingen de hardste klappen op doordat zij het minst beschermd waren. Dat zijn vooral jongeren en lageropgeleiden. Armoede ligt daardoor sneller op de loer, concludeerde het kabinet.

De werkgevers en werknemers moeten nog met een reactie op het rapport komen. Thijssen hoopt dat dit voor de zomer nog gebeurt. "Maar zoals Tuur Elzinga al zei: we hebben nog een paar harde noten te kraken."