De formatie mocht vooral niet te lang duren, want Nederland zit samen met de rest van de wereld nog midden in de coronacrisis. Een nieuw kabinet moest er daarom "gisteren" al zijn, zei verkenner van het eerste uur Annemarie Jorritsma (VVD) grappend een dag na de verkiezingen. Een week later werd medeverkenner Kajsa Ollongren (D66) gefotografeerd met de notitie 'Omtzigt, functie elders'. Woensdag debatteert de Kamer over de formatie.

Het vertrouwen in VVD-leider Mark Rutte is sinds de 'kwestie-Omtzigt' diep geschaad. Niet eerder hing zijn politieke loopbaan aan zo'n dun zijden draadje.

In amper zeven weken moest een bestuurlijke crisis worden omgevormd tot een succesvolle formatie. De ervaren informateur en minister van staat Herman Tjeenk Willink ging ermee aan de slag.

Zijn eindverslag op basis van meerdere gesprekken met alle zeventien de fractievoorzitters, de directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en de Nationale ombudsman van eind april wordt woensdag besproken in de Tweede Kamer.

Wat op 1 april na een debat van ruim dertien uur bijna onmogelijk leek, is nu toch een reële optie: een kabinet met VVD-leider Rutte aan het roer. De scherpe randjes van de toen ingediende moties van wantrouwen (gesteund door de hele oppositie) en afkeuring (op de VVD na door de gehele Kamer gesteund) zijn ervan af en er wordt langzaam naar gemeenschappelijke belangen toegewerkt.

Tjeenk Willink zocht naar gemeenschappelijke belangen

Dat was ook de inzet van Tjeenk Willink. Via de inhoud dreef hij de partijen in ieder geval niet verder uit elkaar. De maatschappelijke problemen zijn immers groot. "Op dit moment maken mensen zich zorgen over wanneer ze de eerste prik krijgen en jongeren voelen zich klemgezet", zei de ervaren informateur bij zijn aantreden.

De vertrouwensvraag bleek te beantwoorden. Dat kostte alleen wel tijd en die was er vanwege de coronacrisis eigenlijk niet.

De motie van wantrouwen werd een maand later alleen nog 'gesteund' door de PVV, SP en BIJ1. Deze partijen sluiten samenwerking met een kabinet onder leiding van Rutte bij voorbaat uit. Ook de ChristenUnie zal niet aan 'Rutte IV' deelnemen.

Overigens worden PVV en FVD vanwege "fundamentele verschillen" verreweg door de meeste partijen uitgesloten, waardoor kans op regeringsdeelname voor deze partijen nul is.

Blijf op de hoogte van de kabinetsformatie Ontvang meldingen bij belangrijke ontwikkelingen rondom de formatie

Puzzel is nog niet gelegd, maar uitkomst lonkt

Verkiezingswinnaars VVD en D66 houden niet veel keuze over. Het CDA is een logische partij om mee te onderhandelen, maar de zieke Pieter Omtzigt houdt de formatie al weken in zijn greep. Wat hij wil, is niet precies bekend.

Wel is duidelijk dat Omtzigt de VVD-leider verantwoordelijk houdt voor de bestuurscultuur die macht en tegenmacht te ver uit balans drukt. Als Kamerlid werd de CDA'er regelmatig gefrustreerd tijdens de toeslagendebatten. "Dat is me niet in de koude kleren gaan zitten", zei hij daar al eens over.

Maandag liet hij voor het eerst in weken van zich horen via Twitter. Een uitnodiging van Rutte tot een gesprek accepteerde hij, maar "door de aanhoudende stroom zaken rond mijn persoon" gebeurt dat niet op de korte termijn.

Wat dat betreft is de situatie met GroenLinks en PvdA overzichtelijker. De partijen steunden de motie van wantrouwen, maar partijleiders Jesse Klaver en Lilianne Ploumen weigerden samenwerking met Ruttes VVD categorisch uit te sluiten.

Zij wachtten op de beloofde "radicale ideeën" van Rutte voor en andere bestuurscultuur. Die kwamen er niet tijdens een interview met Nieuwsuur maandagavond.

Wel werd eind april een motie van Klaver en Ploumen met ruime meerderheid aangenomen, die de rechtspositie van burgers moet versterken.

Eerste paragraaf regeerakkoord lijkt al te zijn geschreven

Het gaat de opstellers van de motie erom dat burgers niet meer met wantrouwen behandeld mogen worden, zoals dat jarenlang gebeurde in de toeslagenaffaire, en er bij het maken van wetten altijd oog wordt gehouden voor schrijnende gevallen.

Concreet wordt er gevraagd om meer geld voor de sociale advocatuur, zodat toegang tot het recht ook voor mensen met een kleine beurs eenvoudiger wordt. De positie van organisaties die de overheid kritisch volgen, zoals de Nationale ombudsman, de Algemene Rekenkamer en de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), moet worden versterkt, zodat tegenmacht ook een gezicht krijgt.

De tegenmacht moet ook terugkeren in het parlement door de informatiepositie te versterken, een vurige wens van Omtzigt en bovendien een grondrecht van de Kamer.

Ook moet er een einde komen aan de "discriminerende algoritmes" bij overheidsdiensten, zoals de Belastingdienst, om fraude op te sporen.

Dat deze motie van Klaver en Ploumen brede steun kreeg, was voor Tjeenk Willink een signaal dat het vertrouwen hersteld kan worden. "De opdracht voor de volgende fase in de formatie is op die gemeenschappelijke aanpak gericht", ze de informateur. Zo lijkt de eerste paragraaf van het nieuwe regeerakkoord al te zijn geschreven.