ZEIST - De miljoen werknemers in de zorgsector staat ook volgend jaar een flink hogere pensioenpremie te wachten. Hun pensioenfonds PGGM wil graag de kostprijs van de heffing in rekening brengen, zo heeft het donderdag laten weten bij de publicatie van het jaarverslag.

Daarmee zit het PGGM op dezelfde koers als het ABP. Het pensioenfonds voor de overheid liet dinsdag al weten de premie versneld naar een kostprijsniveau te willen optrekken. Beide fondsen zijn de afgelopen drie jaar lelijk getroffen door de gestage daling op de financiële markten die hun buffers hebben aangetast.

Kostendekkend

De pensioenpremie bij het PGGM is pas kostendekkend rond 13 procent. Dat niveau moet in 2004 bereikt zijn. Dit jaar bedraagt de premie 10,3 procent. Vorig jaar was dat nog 7,6 procent van de pensioengrondslag, dat deel van het salaris waarover de premie wordt geheven. Doorgaans betalen werkgever en werknemer in de zorg ieder ongeveer de helft van de pensioenpremie.

Tevens kijkt het PGGM naar de indexering van de uitkeringen voor de ruim 150.000 gepensioneerden. In hoeverre het fondsbestuur de pensioenen volgend jaar wil verhogen met de loonstijgingen, hangt vooral af van de ontwikkelingen op de financiële markten. In de loop van 2003 hoopt het PGGM hierover meer duidelijkheid te verschaffen.

Forse daling

Het PGGM heeft veel last ondervonden van de forse daling op de financiële markten. Het totale rendement was 7,3 procent negatief, hoofdzakelijk doordat de aandelenkoersen op de effectenbeurzen vorig jaar hard omlaag gingen.

Het pensioenfonds heeft 45 procent van zijn vermogen in aandelen belegd. Dat leverde een min van 22,8 procent op. Dat verlies werd slechts ten dele gecompenseerd door de obligaties die 30 procent van de portefeuille omvatten en 9,5 procent opbrachten. Het vastgoed, waarin PGGM 15 procent van het vermogen heeft gestoken, leverde een score van 9,1 procent op.

Door de beroerde gang van zaken op de internationale beurzen was het vermogen van het PGGM eind vorig jaar afgenomen tot 45,2 miljard euro tegen 49,1 miljard het jaar daarvoor. Daardoor is de dekkingsgraad afgegleden tot precies 100 procent eind 2002, vergeleken met 122 procent twaalf maanden ervoor.

Ook PGGM is daarmee terecht gekomen onder de grens van 105 procent die de toezichthouder, de Pensioen- en Verzekeringskamer (PVK), van de fondsen eist. De dekkingsgraad geeft aan in welke mate een fonds op een bepaald moment in staat is zijn toekomstige verplichtingen na te komen. Bij het PGGM waren de buffer en de voorzieningen eind vorig jaar dus precies in evenwicht.