De verfilming van Jersey Boys, de musical over The Four Seasons, sleept zich veel te lang en veel te traag voort.

Misschien dat de musical zelf, momenteel nog in een Nederlandse vertaling van Jan Rot in de theaters te zien, opwindender is.

De liedjes zijn in elk geval onverminderd sterk: Sherry, Big Girls Don't Cry, Oh What a Night, Can't Take My Eyes Off You…

Maar viervoudig Oscarwinnaar en filmveteraan Clint Eastwood slaagt er met zijn verfilming niet in het verhaal de benodigde flair en energie mee te geven. En dat ondanks het feit dat John Lloyd Young, de hoofdrolspeler in de originele Broadway-musical, opnieuw in het showkostuum van Frankie Valli is gehesen.

Drie opties

Zanger Frankie Valli (John Lloyd Young), gitarist Tommy DeVito (Vincent Piazza), bassist Nick Massi (Michael Lomenda) en toetsenist en componist Bob Gaudio (Erich Bergen) groeien op in New Jersey. Voor de Amerikaans-Italiaanse straatschoffies zijn er maar drie opties in het leven: het leger in, de maffia of beroemd worden.

Het worden er twee van de drie. Wanneer ze eindelijk succes hebben en in de Ed Sullivan Show staan, blijkt dat Tommy grote schulden heeft gemaakt bij een criminele woekeraar. Maffiabaas Angelo DeCarlo (Christoper Walken, wie anders?) haalt de band weer uit de problemen, maar de prijs is hoog.

Vierde wand

Drie van de vier hoofdrolspelers brachten de rol al eens eerder op de planken. De echte Frankie Valli en Bob Gaudio traden op als executive producer. Het scenario werd geschreven door Marshall Brickman en Rick Elice, degenen die de musicalversie van Jersey Boys schreven en daar een Tony Award voor wonnen.

De film behoudt ook één van de meest opvallende kenmerken van de musical: de personages richten zich regelmatig direct tot de kijker. Vooral in de finale levert dat taaie cinema op. De bandleden verschijnen één voor één voor de camera en geven ons hun persoonlijke conclusie van het muzikale avontuur.

Twee uur falsetto

Het probleem met het op die manier doorbreken van de vierde wand, zoals dat heet, is dat het je ook verklapt dat je naar een film zit te kijken. En de kunstmatige decors, het neppe haar, de altijd gestreken kostuums en de overdreven musical-acteerstijl, maken het al zo moeilijk om helemaal op te gaan in het verhaal.

Twee uur falsetto is veel, maar het zijn niet voor niets hits. De opkomst en ondergang van The Four Seasons is ook zeker interessant genoeg.

De fout ligt vooral bij Eastwood die zelf niet de maat te pakken krijgt: alles is vanaf een beleefd afstandje gefilmd, netjes opgepoetst, alsof je naar televisie van de jaren 50 zit te kijken. Áls je besluit een Broadway-musical te verfilmen maak er dan een echte, vlotte show van.

Te zien in 31 zalen.