Wie leest Poesjkin nog? Wie mijmert nog weg bij de melancholie en romantiek van Het meisje en de dood?

The Illusionist (1984), De Wisselwachter (1986), het korte De Wachtkamer (1995) en Duska (2007) werden reeds bekroond met Gouden Kalveren. De nieuwste film van Jos Stelling, Het Meisje en de Dood, sleepte er tijdens het Nederlands Film Festival 2012 drie weg: voor Beste Geluid, Beste Camera én Beste Film.

Nicolai Borodinski, een oude Russische arts, keert aan het einde van zijn leven terug naar een vervallen hotel in de buurt van Leipzig. Onder een knoestige boom legt hij witte rozen op een eenvoudige grafsteen. Er is staat maar één woord op de oude zerk: Elise.

Die naam voert hem terug in de tijd. Omstreeks 1900 reisde de jonge Nicolai (Leoniod Bichevin) van Moskou naar Parijs om medicijnen te gaan studeren. Een overnachting in dit hotel veranderde zijn leven. Dat was de nacht dat hij Elise (Sylvia Hoeks) ontmoette, een beeldschone maar tragische courtisane.

Hij is op slag verliefd, maar het is een onmogelijke liefde. Elise is namelijk het bezit van een oude Graaf (Dieter Hallervorden). ‘We kunnen niet samenzijn. Dat is ons lot,’ fluistert ze. ‘Alstublieft, vergeet me.’ Maar, uiteraard, de jongeling geeft niet op: ‘Ik kom terug. Wacht op mij.’

Tuberculose en liefdesverdriet

Terugkeren, doet Nicolai steeds weer in deze melancholische film. In het fraaie hotel lijkt de tijd stil te staan te midden van het decoratieve behang, het koper en de ouderwetse lambrisering. De figuranten in dit drama drukken zich uit in het Duits, Frans en Russisch. In de salon klinkt zachtjes pianomuziek.

Natuurlijk ontbreekt ook de tragedie niet. De eerste keer dat Nicolai terugkeert, komt hem dat op een pak slaag te staan. Het hotelpersoneel laat fijntjes weten dat Elise alleen kan blijven omdat mijnheer de Graaf de rekeningen betaalt. Ondertussen vreten tuberculose en liefdesverdriet aan haar. ‘Haar liefde voor u maakt haar kapot’, waarschuwt haar vriendin Nina (Renata Litvinova).

Romantisch lijden

Ruim twee uur romantisch lijden wordt halverwege Het Meisje en de Dood teveel van het goede, maar het is beslist een fraaie oefening in ouderwets melodrama. Decor, kostuums, cinematografie en de dromerige score van Bart van Lisdonk; goed gedaan.

Maar het blijft een kunststukje. We worden geacht te geloven dat Nicolai verliefd is vanaf het moment dat hij Elise in de salon ziet zitten, maar juist dát wordt nooit geloofwaardig. Stelling wil vertellen van de tragische liefde, de melancholie en de poëzie, maar had moeten beginnen met een overtuigd liefdesverhaal.

In 18 zalen