Droge komedie vol geestige details, van de maker van The Royal Tenenbaums. Met Bruce Willis, Bill Murray en Edward Norton.

De films van Wes Anderson spelen zich altijd af in een eigen universum, drukbevolkt en volgepropt met details.

Dat kan een duikboot zijn, zoals in The Life Aquatic with Steve Zissou (2004), of een villa, zoals in The Royal Tenenbaums (2001). Zelfs zijn animatiefilm (The Fantastic Mr Fox, 2009) is nog steeds herkenbaar een Andersonfilm.

Kijkdoos

Moonrise Kingdom vormt daarop zeker geen uitzondering en dat is voor de fans van Andersons stijl goed nieuws. Weer een film als een enorme kijkdoos, vol eigenaardige types en schattige details in de decors.

Bekijk de trailer

 

Een feest voor het oog! Dat gepriegel op de vierkante centimeter is ook precies waar Andersonhaters kregelig van worden. Maar goed, voor hen is deze film dus niet.

Padvinders

Moonrise Kingdom speelt in 1965, op een eiland voor de Amerikaanse Oostkust. Een eiland met meer natuur dan infrastructuur en dus ideaal voor zomervakanties.

De familie Bishop (Bill Murray, Frances McDormand en hun vier kinderen) heeft er een zomerhuisje, terwijl de padvinders van hopman Edward Norton er hun kampement op hebben geslagen.

Kalverliefde

Afgezien van de verregende zomer is het rustig op het eiland, tot een van de padvinders, de bebrilde wees Sam (Jared Gilman) op een dag uit zijn tent is verdwenen.

Ook de 12-jarige dochter van de Bishops, de met het Franse existentialisme dwepende Suzy (Kara Hayward) blijkt ineens spoorloos. Het is geen toeval: het tweetal heeft een kalverliefde voor elkaar opgevat en wil samen van het eiland ontsnappen.

Koddebeier

De plaatselijke koddebeier (Bruce Willis) zet de achtervolging in, maar verwacht geen bloedstollende zoektocht: in de films van Wes Anderson is een inventarisatie van de koffer van Suzy belangrijker dan de vraag of het tweetal gepakt zal worden.

De regisseur mag ook graag een zijstap maken met een flashback waarin een schoolklas een gekostumeerde Ark van Noach opvoert.

Pareltje

Dergelijke zijpaden bewandelde Anderson al in Rushmore (1998) en het leverde hem een kleine maar trouwe aanhang op.

Moonrise Kingdom is ook weer een pareltje, al is het verhaal flinterdun en wordt het trucje dat Anderson kinderen als volwassenen laat acteren en andersom doorzichtig. Maar liefhebbers van droge humor en aandacht voor detail komen weer volop aan hun trekken.

In 23 zalen