Het was lang het smerige geheimpje van Frankrijk: de betrokkenheid van de Franse overheid en de gendarmerie bij de Jodendeportatie. La Rafle gaat over een van de eerste razzia's, in juli 1942.

De regering van Maarschalk Pétain sloot in '42 een overeenkomst met de Duitse bezetter.

In ruil voor de controle over de politie, werkte Pétain mee aan de door de Nazi's gestelde quota: 20.000 Joden uit het bezette deel van Frankrijk. 10.000 uit de zogenoemde Vrije Zone.

De eerste razzia's waren in Parijs. Op 16 en 17 juli werden 13.152 joden, waaronder 4.115 kinderen, opgepakt door gendarmes en militiemannen. Ze werden verzameld in het Winter Vélodrome en gingen vanaf daar op transport. Eerst naar de kampen in de Loiret. Daarna naar de vernietigingskampen in Polen.

Bekijk de trailer

Regisseur Roselyne Bosch deed tweeënhalf jaar research naar de gebeurtenissen die in La Rafle centraal staan. Ze vertelt vanuit het gezichtspunt van een van de overlevenden. Joseph Weismann was tien toen hij en zijn familieleden werden opgepakt.

Het is schokkend om, eigenlijk voor het eerst op film, te zien hoe gewone gendarmes huizen binnenvielen en een concentratiekamp leidden. Duitsers zie je maar zelden in La Rafle. De taal van de vernietiging was hier Frans, en het is goed dat het in herinnering wordt gebracht.

Clichématig

Helaas ondergraaft Bosch haar goede intenties en onderzoek met een zeer clichématige film. Professioneel gemaakt - cinematografie en spel zijn dik in orde - maar hier wordt de Holocaust veel te schematisch voorgesteld.

In de Joodse wijk leren we de familie Weismann kennen; Bella Zygler en haar kinderen; mevrouw Traube; de oude Tati... Alle vrouwen zijn mooi en smaakvol gekleed. De zon straalt. Kinderen spelen. Op de achtergrond klinkt een fijn muziekje uit de goede oude tijd. De dikke vrouw van de slager roept wel eens iets racistisch, maar verder oogt deze wijk als één gelukkige commercial voor Joods-zijn.

Cut to: de Nazi's. In een inktzwarte kamer - op de achtergrond is alleen een hakenkruisvlag zichtbaar - onderhandelen de Franse autoriteiten met de bezetter. De sombere mannen roken samenzweerderig en discussiëren over hoeveelheden te deporteren Joden. Elders raast Hitler voor een radiomicrofoon of laat zichzelf een shot zetten.

Teddybeer

En de clichés gaan maar door. Op smartelijk vioolmuziek trappen agenten een deur in om daarachter een biddende Joodse familie te vinden. Abbé Bernard is natuurlijk solidair en draagt ook een Jodenster. De Joodse communist... De sadistische jonge militieman... De hoeren met een hart van goud...

Vergelijk het met de razziascène in Schindler's List. La Rafle voegt aan Spielbergs meesterwerk niets toe, maar ontdoet de feiten wel van iedere oprechte emotie. Het ergerlijke is dat deze kitsch soms zelfs bijna lachwekkend wordt. De kleine Noé Zygler die vraagt: 'Denk je dat ze mijn teddybeer pijn zullen doen?'

Vélodrome

In het Winter Vélodrome en in het concentratiekamp in de Loiret, leren we de eigenlijke hoofdpersoon van La Rafle kennen. Annette Monod (Mélanie Laurent) is een beeldschone verpleegster die aan de zijde van Dr. Sheinbaum (Jean Reno) meereist om de gedeporteerde Joodse kinderen te verzorgen.

Ze plengt vele tranen, deze witgekapte zuster in de traditie van de zelfopofferende nonnetjes waar de Katholieke kitsch zo dol op is.

Als jeugdeducatie zal La Rafle nog wel werken, maar verder schiet deze smartlap zijn doel voorbij. Dat is te betreuren. Zeker in een tijd waarin de Franse regering, met steun van de meerderheid van de bevolking, zigeuners collectief deporteert.

In 20 zalen