Zeven jongeren raken in een dodelijk spookhuis verdwaald. Sfeervolle horrorfilm van Nederlandse bodem.

Jarenlang moesten Nederlandse horrorliefhebbers hun vermaak uit het buitenland halen. Terwijl er uit België, Frankrijk, Spanje en andere Europese landen genoeg horror kwam om de concurrentie met de VS aan te durven leed het genre in eigen land aan ernstige bloedarmoede. Plannen en scripts genoeg, maar de financiering kwam zelden rond, meestal omdat filmfondsen en omroepen het genre niet voor vol aanzagen.

Maar zo'n vijftien jaar na de laatste Nederlandse horrorfilms (Intensive Care en De Johnsons) is er dan eindelijk nieuw bloed, om in stijl te blijven: deze week Doodeind, en volgende maand Sl8N8 (Slachtnacht). Twee ouderwetse slasherfilms die zich niet hoeven te schamen voor andere Europese horrorfilms.

Dutch Scream Queen

Dat beide films verhaaltechnisch opvallend grote gelijkenis vertonen moeten we dan maar even door de vingers zien. Zowel Doodeind als Sl8N8 draait om een groepje vakantievierende jongeren dat vast komt te zitten op een afgelegen locatie waar het ook nog eens flink spookt. Een standaard horror-gegeven dus. In beide films hebben de moordlustige geesten het ook nog eens voorzien op Victoria Koblenko, die in beide films in hoofdrol speelt en hiermee in één klap de nieuwe Dutch scream queen mag worden genoemd.

Koblenko behoort in Doodeind tot de zeven jongeren die met een busje door Schotland rijden en daar worden aangevallen door wilde honden. Nadat Mads Wittermans al flink te grazen is genomen en het busje geen veilig heenkomen meer biedt vluchten ze naar een op het oog leegstaand pand. Maar daar blijkt een geest te huizen die nog steeds behoorlijk giftig is vanwege gebeurtenissen van een paar eeuwen eerder. En daar worden de Nederlandse toeristen één voor één slachtoffer van.

Cujo

Doodeind is vakkundig gemaakt door enthousiaste horrorfanaten die hun klassiekers kennen: het busje waarin de jongeren rijden heet niet voor niets Cujo, naar de Stephen King-verfilming met een hondsdolle hond. Afgezien van deze verwijzing weten de makers ook prima hoe ze spanning moeten opbouwen met geluid én vooral: geduld, want timing is alles. De special effects en het camerawerk zijn dik in orde, zeker als je bedenkt dat de hele film zo'n 250.000 euro kostte- daar zetten ze in de VS net een paar lampen voor neer.

Het enige wat in Doodeind rammelt is het script, wat zonde is, want een script bijwerken hoeft niet veel extra te kosten. De makers wisselen tergend lange sfeervolle scènes met goed opgebouwde spanning af met flashbackscènes waarin even snel het verhaal wordt uitgelegd door iemand uit een paar eeuwen terug. Dat verbale exposé is een zwaktebod dat de film op den duur ondergraaft. Maar desondanks is Doodeind een lekker enge, spannende Nederhorror-film met goed acteerwerk en een paar goed geplande schrikeffecten.

Het Parool:
"enger kan het nauwelijks (..) sfeervolle fotografie, stemmige muziek"
De Volkskrant:
"het tempo had wel wat hoger gekund (..) maar de art direction en het suggestieve camerawerk zijn behoorlijk overtuigend"

In 18 zalen