Paniekerig kuiken waarschuwt voor buitenaardse wezens. Het ene pluimvee is het andere niet: Chicken Little is geen Donald Duck.
#

Bekijk video: Modem/ Breedband

Precies tien jaar terug kwam het baanbrekende Toy Story uit, de eerste computer geanimeerde film van speelfilmlengte. De gok van de Pixar studio's bleek een groot succes, en de samenwerking met Disney leverde behalve een tweede Toy Story meer Pixar-pareltjes op: A Bug's Life, Monsters Inc, Finding Nemo en The Incredibles. Ook concurrent Dreamworks boerde goed met twee maal Shrek, Antz en Shark Tale. Maar het contract tussen Pixar en Disney loopt volgend jaar af, met de laatste gezamenlijke film Cars. In de tussentijd produceert Disney een eigen computeranimatiefilm, na een eerste halfslachtige poging met Dinosaur (2000). Het resultaat is Chicken Little, geregisseerd door Mark Dindal, vijf jaar terug verantwoordelijk voor de ook al tegenvallende traditionele animatiefilm The Emperor's New Groove.

Eikel

Chicken Little is gebaseerd op de Amerikaanse fabel over een paniekerig kipje dat een eikel op zijn hoofd krijgt en vervolgens denkt dat de hemel naar beneden komt. Ook de kip uit Chicken Little slaat aanvankelijk loos alarm, waardoor alle dierlijke bewoners van Oakey Oaks in paniek raken. Pijnlijk voor Chicken Little, die praat met de mannenstem van Zach Braff in de originele versie en Pepijn Gunneweg in de Nederlandse versie en dus een omgebouwde kip moet zijn. Maar goed, nog vervelender is dat hij niet meer wordt geloofd wanneer het echte zover is en de hemel uit de lucht komt vallen. Nou ja, niet de hemel, maar wel een vloot van buitenaardse wezens.

De invasie is aanleiding voor een reeks verwijzingen naar aliens-films als Independence Day, Men in Black en Close Encounters of the Third Kind. Grappig, maar Shark Tale van concurrent Dreamworks bewees al dat alleen leuk gevonden verwijzingen nog geen geslaagde komedie maken.

Pluimvee

Afgaande op de koele Amerikaanse ontvangst en de recensies elders gaat ook Chicken Little op dit vlak de mist in. Technisch is het allemaal prima in orde, maar de personages komen niet tot leven, afgezien van de titelheld. Terwijl Finding Nemo juist leerde dat het publiek zelfs kan meevoelen met koudbloedige vissen.

Het Amerikaanse publiek maakte van Chicken Little intussen een dikke hit: in anderhalve week haalde de film 80 miljoen dollar binnen, een respectabel bedrag in tijden van teruglopend bioscoopbezoek. Waarbij moet worden aangetekend dat de superheldenfamilie van Pixars The Incredibles dat bedrag vorig jaar al bijna in het eerste weekend binnenhaalde. Het kippetje van Chicken Little belooft vooralsnog dus niet zo'n klassieke tekenfilmheld als Donald Duck te worden, waarmee maar bewezen is dat het ene pluimvee het andere niet is.

Het Parool: "Chicken Little schittert in matig verhaal (..) computer-geanimeerd machtsvertoon mist charme en humor."
De Volkskrant: "een aaibaar beestje is het niet (..) houterige, onsamenhangende productie"
In 108 zalen (NL versie) plus 6 zalen (originele versie)