De voor seksueel misbruik veroordeelde regisseur Roman Polanski heeft in de nacht van vrijdag op zaterdag een César-filmprijs in de wacht gesleept voor de regie van zijn film J'accuse. Direct na de bekendmaking verlieten meerdere actrices uit protest de zaal.

Een van hen was actrice Adèle Haenel. De Française zou zelf als kind zijn misbruikt. Volgens haar heeft Frankrijk de #metoo-beweging genegeerd.

Polanski zelf was niet aanwezig. Hij had voorafgaand aan de uitreiking al gemeld het evenement over te slaan, uit angst voor een "publieke vernedering door activisten".

J'accuse, een verfilming van de Dreyfus-affaire, verdiende in totaal twaalf nominaties, wat kwaad bloed zette bij feministische actiegroepen in het land. In een open brief aan de Franse media werd geëist dat de 86-jarige regisseur geboycot zou worden. Als gevolg van de ophef vertrok vrijdag de voltallige raad van bestuur van de Franse filmprijzen.

Polanski verzilverde ook twee andere nominaties: die voor de beste post-productie en de beste kostuums. Andere belangrijke prijzen op de verhitte avond werden gewonnen door Roschdy Zern (beste acteur), Anaïs Demoustier (beste actrice) en Les Misérables (beste film).

Regisseur bekende schuldig te zijn aan seks met minderjarige

Polanski werd in 1977 aangeklaagd wegens het drogeren en verkrachten van een dertienjarig meisje en bekende uiteindelijk schuldig te zijn aan seks met een minderjarige. Hij ontvluchtte de Verenigde Staten een jaar later, voordat hij veroordeeld kon worden, en woont sindsdien in Frankrijk.

Omdat de regisseur een Frans en een Pools paspoort heeft, kan hij in Frankrijk leven zonder het risico te lopen opgepakt en uitgeleverd te worden. Eind vorig jaar werd hij opnieuw beschuldigd van verkrachting.