Spectaculair maar schematisch oorlogsdrama

'This summer America has the last word!' bralde de trailer van Windtalkers dit voorjaar. Waarmee -net als in We Were Soldiers- een reeds gestreden oorlog werd gebruikt om op huidige patriottistische gevoelens in te spelen. Dat kan nooit John Woo's bedoeling zijn geweest.

Navaja-indianen

De uit Hongkong afkomstige regisseur stelt in Windtalkers juist een minderheisdgroepering centraal: de Navajo-indianen. Nadat ze in de tijd van het Wilde Westen bijna waren uitgeroeid bleken ze in de Tweede Wereldoorlog ineens goed van pas te komen. Hun taal bleek uitermate geschikt om code-berichten door te geven in de strijd tegen Japan. Tot dan toe wisten de Japanners elke code vroeg of laat te breken.

Windtalkers (de titel verwijst naar de code-sprekers, al worden die in de film gewoon 'code-talkers' genoemd) heeft daarmee een origineel uitgangspunt voor een oorlogsfilm. Blanke Amerikaanse mariniers moeten landgenoten, die ze eerder als roodhuiden beschouwden, met gevaar voor eigen leven beschermen omdat ze een geheim wapen vormen.

Dit leidt uiteraard tot conflicten, maar ook tot verbroedering. De getraumatiseerde marinier Nicolas Cage (eerder te zien in Woo's Face/Off) wil aanvankelijk zo min mogelijk weten over de code-talker waarop hij moet 'babysitten'. Collega-marinier Christian Slater (eerder te zien in Woo's Broken Arrow) neemt daarentegen de Navajo-cultuur gretig op en blaast zelfs op zijn mondharmonica een duetje met de Navajo die hij moet beschermen.

Radio

Woo is nooit vies geweest van thema's als verbroedering, bij voorkeur tussen tegenpolen. Maar dat pakt in een Amerikaanse oorlogsfilm toch pathetischer uit dan in een aktiefilm als Face/Off. En Nicolas Cage een gekwelde militair laten spelen is vragen om overacting, terwijl het verhaal toch in de eerste plaats gaat om de Navajo's. Maar ja, de onbekende Roger Willie en Adam Beach zijn als code-talkers zo braaf en kleurloos dat Cage al snel alle aandacht opeist.

De doorslaggevende rol van de code wordt bovendien nooit echt aangetoond. In de slag om Saipan is de verovering van een radio doorslaggevender dan de taal waarin de roep om versterking uiteindelijk klinkt. Dubieuzer nog is dat een Navajo zich voor Japanner uitgeeft, om de radio buit te kunnen maken. Voor blanke Amerikanen mogen Japanners en Navajo's dan op elkaar lijken, maar de Japanners moeten zo'n list meteen door hebben gehad.

Dergelijke simplificaties ondergraven de geloofwaardigheid van Windtalkers, en dat is jammer. Als een vergeten onderwerp uit WOII in een film aan bod komt moet dat wel zorgvuldig gebeuren. Woo smoort echter elke subtiliteit in gevechtsscènes die nog realistischer, bloediger en luidruchtiger zijn dan voorheen.

Hij wint daarmee de slag om oorlogsrealisme, maar verliest de strijd om een uitgebalanceerd oorlogsdrama. Maar net als Signs vorige week is ook Windtalkers een love-it-or-hate-it-movie. Zo neemt Het Parool de simplificaties van Woo voor lief, terwijl De Volkskrant daar juist over valt. Dus toch maar even kijken bij welke groep u hoort.

Het ParoolDe Volkskrant