Bizarre film met Bill Murray als onderwaterbioloog die een keur aan bekende gezichten op zijn boot laat inschepen.

Bekijk trailer: Modem/ Breedband

Rushmore betekende in 1998 de doorbraak voor Wes Anderson. Hoewel hij daarvoor al een dwarse comedy met cultstatus had gemaakt (Bottle Rocket), was de eigenaardige strijd tussen scholier Jason Schwartzman en zijn mentor Bill Murray de ideale kapstok voor wat Andersons vaste thema (vader-zoon-relaties) zou worden.

Dat thema wordt behandeld met gortdroge humor, dankzij vaste acteurs als Bill Murray en Owen Wilson, die drie jaar later ook in The Royal Tenenbaums van de partij waren. Nog meer dan Rushmore bewees dat ensemble piece dat Anderson bij voorkeur zoveel mogelijk kleurrijke figuren neerzet in een zo mogelijk nog kleurrijker omgeving - alsof hij eigenlijk liever barokke groepsfoto's zou maken.

Zissou-flipperkast

The Life Aquatic is daar geen uitzondering op. Opnieuw draait het verhaal om een vader/zoon-relatie, dit keer tussen Jacques Cousteau-achtige zee-onderzoek Steve Zissou (Bill Murray) en zijn verloren zoon Ned (Owen Wilson). De bijzonder veelkleurige achtergrond wordt verschaft door de onderwaterwereld en het reilen en zeilen op de boot van Steve Zissou, de Belafonte.

Om alle tableaux vivants zo mooi mogelijk tot zijn recht te laten komen liet Anderson een dwarsdoorsnede op schaal maken van dit schip, zodat je als kijker als het ware in een aquarium kijkt, maar dan gevuld met mensen. De vele details vechten om de aandacht, zoals een Zissou-flipperkast of de exotische zeedieren die met special effects tot leven zijn gewekt. De personages zijn niet minder exotisch: een geflipte Duitser (Willem Dafoe), een Braziliaan (Seu Jorge) die Bowie-nummers in het Portugees zingt, een zwangere journaliste (Cate Blanchett) en een schatrijke concurrent (Jeff Goldblum) die zijn boot zo strak heeft ingericht dat deze meer weg heeft van een gayclub uit de jaren tachtig.

Tableaux vivants

Er valt dus genoeg te bekijken in The Life Aquatic en te grinniken dankzij de droge humor (Murray die rookt in de sauna, of zich tegen piraten verdedigt slechts gekleed in zwembroek en badjas). Andersons stijl dwingt vooral bewondering af, een probleem dat al bij The Royal Tenenbaums de kop op stak. Anderson is zo druk bezig zijn films in de breedte te etaleren, met veel details en personages, dat de diepgang er onder lijdt. Wat jammer is- zeker bij een film over diepzee duiken.

The Life Aquatic is echter bizar en uniek genoeg om een bezoek aan de bioscoop te rechtvaardigen, want op een kleiner (tv-)beeld blijft er weinig over van de tableaux vivants. Maar met zoveel talent aan boord had er wel iets meer van verwacht mogen worden dan bewegende foto's en melige humor.

Het Parool: "een overdonderende ervaring. De film wemelt van bizarre details en prachtige vondsten"
De Volkskrant: "nieuw hoogtepunt in het oeuvre van Wes Anderson (..) uitbundig plaatjesboek"
In 10 zalen