AMSTERDAM - De schade die filminstituut EYE heeft geleden door uitspraken van de Raad voor Cultuur (RvC) in hun advies over de toekenning van vierjaarlijkse cultuursubsidies had beperkt kunnen worden.

Dat zegt directeur van EYE, Sandra den Hamer, in gesprek met NU.nl. "Kritiek is niet erg, wij zijn ook kritisch. Maar als er een dialoog was geweest met de RvC, zou de schade beperkt zijn gebleven."

De Raad vraagt zich in het rapport onder meer af of EYE voldoende zeggenschap kan ontwikkelen om de filmcollectie weer relevant te maken.

"Dat verbaasde me", zegt Den Hamer, "We hebben nooit een signaal ontvangen dat de collectie niet meer relevant zou zijn, integendeel. Het is dan jammer dat je over het advies van de Raad geen gesprek kunt voeren."

Bezoekersaantallen

EYE wil in 2013 een verdrievoudiging van het aantal bezoekers bereiken. Dat zou dan moeten oplopen tot 225.000. De RvC zet hier vraagtekens bij. "Zo'n forste stijging moet je maar afwachten", verklaarde een woordvoerder van de Raad eerder tegenover NU.nl.

Den Hamer maakt zich echter geen zorgen over het behalen van de aantallen. "Als je opent is er natuurlijk sprake van een boost, daarna normaliseren de bezoekersaantallen zich. Maar onze programmering en tentoonstellingen zullen genoeg bezoek genereren."

Toch toont Den Hamer zich ook over dit argument verrast. "We hebben de cijfers laten doorrekenen, jaren geleden. Ook door externe partijen, in opdracht van het ministerie en ons. We kregen altijd een realistische beoordeling. Een externe visitatiecommissie wees EYE twee jaar geleden nog aan als best practice voor cultureel ondernemerschap."

Taken

Daarnaast is er lichte onenigheid ontstaan over de opvatting welke taken het filminstituut dient uit te voeren. De Raad ziet het EYE het liefst als museale instelling met als kerntaak het ontsluiten van een relevante filmcollectie. Het filminstituut ziet zich zelf echter ook als ontmoetingsplek van de Nederlandse filmwereld.

"De Raad heeft er jarenlang op aangedrongen dat we een instituut moesten worden. Dat hebben we middels de fusie (met het Filmmuseum, Holland Film, Filmbank en het Nederlands Instituut voor Filmeducatie, red.) voor elkaar gekregen. Nu moeten we dit weer terugdraaien, het zijn zo langzamerhand dagkoersen geworden. Natuurlijk moeten we ons richten op een breed publiek en we erkennen onze belangrijkste taken, waaronder educatie, maar we moeten ook een plek worden voor debatten en dergelijke. De verschillende functies die we hebben moeten elkaar versterken."

Animatiecollectie

De RvC motiveert het EYE in haar advies om de animatiecollectie van het Nederlandse Instituut voor Animatiefilm (NIaf) over te nemen, mocht dit instituut door bezuinigingen komen te vervallen. Voor Den Hamer is dit geen uitgemaakte zaak.

"We zijn al een paar jaar in gesprek met het Instituut voor Animatie in Tilburg en de meeste films liggen al bij ons in beheer. Het NIaf heeft echter ook een werkplaatsfunctie waar jonge animatiefilmers onder begeleiding kunnen werken aan hun projecten. Het is jammer dat die taak wegvalt."