ROTTERDAM - De films Agua Fría de Mar uit Costa Rica, Mundane History uit Thailand en Alamar uit Mexico hebben vrijdagavond op het International Film Festival Rotterdam de drie VPRO Tiger Awards van elk 15.000 euro in de wacht gesleept.

De uitreiking van de prijzen voor de beste speelfilms van het IFFR vond plaats in het Oude Luxor Theater in Rotterdam.

De enige twee Latijns-Amerikaanse films in de competitie ontvingen de belangrijkste prijzen van het filmfestival. Agua Fría de Mar (Cold Water of the Sea) is gemaakt door Paz Fábrega uit Costa Rica, Alamar is de eerste speelfilm van de Mexicaan Pedro Gonzalez-Rubio.

De winnende Thaise film Mundane History (Jao Nok Krajok) is van de hand van Anocha Suwichakornpong uit Thailand.

Kanshebber

Voor de competitie waren vijftien speelfilms geselecteerd van beginnende regisseurs. De Nederlandse kanshebber C'est déja l'été van Martijn Smits viel buiten de prijzen en kreeg alleen een eervolle vermelding van de Kring van Nederlandse Filmjournalisten (KNF).

De KNF Award ging naar Norteado (Northless) van Rigoberto Pérezcano (Mexico). De prijs bestaat uit het bekostigen van de Nederlandse ondertiteling om een distributeur te helpen bij het uitbrengen van Norteado in de Nederlandse bioscopen.

Tetro

Verder kende de KNF-jury een eervolle vermelding toe aan Tetro van Francis Ford Coppola. De filmjournalisten hopen dat ook deze film in Nederland wordt uitgebracht, samen met Norteado en C'est déja lété.

Het festival maakte vrijdag nog meer prijswinnaars bekend. De Netpac Award, een prijs voor de promotie van de Aziatische cinema, ging dit jaar naar de film Moscow van de Zuid-Koreaanse regisseur Whang Cheol-Mean.

Critici

De Fipresci Award, van de internationale associatie van filmcritici, ging naar de Amerikaanse filmmaker Ben Russell voor zijn in Suriname opgenomen speelfilmdebuut Let Each One Go Where He May.

Het festival sluit de 39e editie zondag af met de Volkskrantdag.