Biopic over de Amerikaanse tv-held en seksverslaafde Bob Crane (Greg Kinnear). Begint intrigerend, maar gaat uiteindelijk net zo hard bergafwaarts als zijn hoofdpersoon. @@@

Bob Crane is in Nederland volkomen onbekend, maar in de jaren zestig scoorde deze radio-persoonlijkheid een grote hit als titelheld van de tv-serie Hogans's Heroes. Die naam zal ook al geen belletje doen rinkelen, maar denk aan een Amerikaanse variant van 'Allo 'Allo en je komt een heel eind.

Bob Crane, gespeeld door de goed gecaste gladjanus Greg Kinnear, is aanvankelijk een typische huisvader, die zo leek weggelopen uit een tijdschrift-advertentie. Met een knappe vrouw (Rita Wilson, mevrouw Hanks), en twee leuke kinderen die naar hem opkeken (geestig commentaar van miss Crane: "ze zijn klein, ze kijken tegen iedereen op." Crane heeft helaas één afwijking, afgezien van zijn hobby (drummen): hij kan geen dag zonder seks.

Vieze boekjes

Die obsesssie is aanvankelijk nog te stillen met wat vieze boekjes in de garage, maar wanneer Crane dankzij Hogan's Heroes een ster wordt, dienen de verlokkingen zich pas echt aan. De godsvruchtige Crane tracht de verleiding nog te doven door te biecht te gaan bij de pastoor, maar zwicht uiteindelijk voor de geneugten des vlezes.

De slang die hem verleidt -om in bijbelse termen te blijven- is videopionier en viespeuk John Carpenter (Willem Dafoe, ook al zo goed gecast). Hij trekt Crane -geheel vrijwillig- binnen in een wereld van nachtclubs en gemakkelijke sex met willige dames. Kortom, 'sex, lies & videotape', want Carpenter legt hun orgies en andere escapades gretig vast op het nieuwe medium video.

Egoïst

Dat moet een keer misgaan, en dat gaat het ook. Cranes huwelijk gaat naar de knoppen, vervolgens zijn carrière, en als daarmee de bron van inkomsten opdroogt lijdt zijn vriendschap met Carpenter er ook onder. Geen onbekend thema voor calvinist en moralist Schrader, scenarioschrijver van Taxi Driver en regisseur van Light Sleeper.

Zijn moralisme richt zich echter niet zozeer op Crane's onstilbare zucht naar sex, maar op zijn egoïsme, waar ook de titel Auto Focus naar verwijst. Het levert een fraai tijdsbeeld op, vooral in de zonnige eerste helft van de film, die in de jaren zestig speelt. Maar in de sombere tweede helft, spelend in de jaren zeventig, wordt de teloorgang wel erg dik aangezet, zodat Schraders boodschap je uiteindelijk tegen gaat staan.

Het Parool: "amusant tijdsbeeld"
De Volkskrant: "wil geen opwindend of meeslepend drama worden"
In 3 zalen

# Niet gezien
@ Laat maar
@@ Op eigen risico
@@@ Niet slecht
@@@@ Aanrader
@@@@@ Wereldfilm