Festivals zijn overal: van de Randstad tot de provincie. Ieder dorp lijkt er meerdere per jaar te huisvesten. Maar wat is nu precies een festival? En mag ieder evenement zich als zodanig betitelen?

De Dikke Van Dale geeft in ieder geval geen uitsluitsel, want bij het woord "festival" staat de beschrijving "groot (muziek)feest".

Mede door deze ruime definitie is er geen duidelijk beeld hoeveel festivals ons land nu precies rijk is. Officiële en accurate cijfers van een gezaghebbende organisatie als het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) zijn er niet.

Volgens een groot onderzoek in 2016 door Harry van Vliet, lector crossmedia aan de Hogeschool van Amsterdam, telde ons land dat jaar bijvoorbeeld 1.340 festivals, terwijl de festivalmonitor van Respons op 954 uitkwam.

Ontdekken en beleven

Volgens Rob van der Zwaan, die al sinds 2001 de site Festivalinfo runt, is er dan ook geen duidelijk alomvattend etiket op "een festival" te plakken. "In de basis is het een samenkomen van mensen die iets willen ontdekken en beleven. Niets meer", zegt hij.

“In de basis is het een samenkomen van mensen die iets willen ontdekken en beleven”
Rob van der Zwaan, hoofdredacteur Festivalinfo

Vaak wordt bij festivals een associatie met alternatief gelegd, maar dat vindt Van der Zwaan onzin. "Coen en Sander nodigen op hun festivals ook diverse artiesten uit en er wordt drank geschonken. Dat mag dan van mij ook gerust een festival worden genoemd."

Een festival hoeft volgens Rob van der Zwaan niet alternatief te zijn: "Als er artiesten komen er er wordt drank geschonken, dan mag je het een festival noemen." (Foto: ANP)

Beurs wordt festival

Volgens Van der Zwaan zijn er twee belangrijke redenen waarom veel evenementen het label "festival" opplakken. "De clubs en discotheken liepen de afgelopen decennia leeg en festivals werden juist steeds populairder. Daar heeft de uitgaansscene slim op ingespeeld. Het is dus voornamelijk marketing. Festivals zijn nu eenmaal hip."

“Het is marketing: festivals zijn nu eenmaal hip”
Rob van der Zwaan, hoofdredacteur Festivalinfo

Daarnaast komen er volgens de Amsterdammer ook steeds meer festivals, puur vanwege een simpele naamswijziging. "Wat vroeger een boekenbeurs heette, is nu een boekenfestival. Die trend zie je steeds meer. En dat is ook niet erg. Op festivals zie je daardoor namelijk ook steeds meer cross-over, zoals bij Paaspop bijvoorbeeld, waar muziek, cabaret en toneel samenkomen."

Bierpomp in de wei

Johan Gijsen is oprichter van festival Le Guess Who? en stond ook aan de basis van Into The Great Wide Open op Vlieland.

"Als iemand een hek om een wei plaatst, bierpompen neerzet en daar vervolgens bands rond programmeert om commerciële redenen, mag dat van mij best een festival heten", legt hij uit.

De Utrechter vindt persoonlijk dat een festival toch vooral een triggerfunctie heeft, die bezoekers iets laat ontdekken dat ze voorheen nog niet kenden. Maar desondanks heeft hij net als Van der Zwaan geen moeite met de zogenaamde festivalisering van het uitgaansleven.

Into The Great Wide Open, een weekendfestival dat jaarlijks plaats vindt in september op Vlieland. (Foto: ANP)

Beeldvorming moet veranderen

Gijsen: "Ik vind het vooral belangrijk dat de beeldvorming verandert. Een festival is meer dan bier en bands, wat sommigen nu nog denken. Hier in Utrecht heb je bijvoorbeeld het Festival Oude Muziek, dat kerken als locaties gebruikt en veel koffie verkoopt. Dat is in mijn optiek toch ook een echt festival."

“Een festival is meer dan bier en bands”
Johan Gijsen, oprichter festival Le Guess Who?

Gijsen vindt dat de bezoekers door een kaartje te kopen uiteindelijk bepalen of een evenement festivalwaardig is. "Festivals passen echt in het tijdsbeeld van nu, dat komt ook omdat bijvoorbeeld popmuziek niet meer puur voor jongeren is. Of het dan draait om het uitdragen van een artistieke visie of puur entertainment, maakt niet uit."