Een commerciële aardbei moet aan meer eisen voldoen dan alleen maar goed smaken. De plant moet productief zijn, bestand zijn tegen ziekten en plagen, niet te kwetsbaar zijn, en bovenal moeten de zomerkoninkjes houdbaar zijn.

In Nederland werd vorig jaar 75 miljoen kilo aardbeien geteeld. Een groot gedeelte is bestemd voor de export, vooral naar België, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Toch bestaat 'de Nederlandse aardbei' niet.

Er zijn namelijk talloze rassen, met ieder hun goede en slechte eigenschappen. Elsanta, Sonsation en Limalexia zijn de laatste jaren populair bij telers, aldus aardbeienkenner en agronomist Jan Robben.

“Lambada-aardbeien zijn smaakvol, maar verder alles wat de supermarkt niet wil. Je zal ze daarom niet snel daar aantreffen”
Peter van de Ven, tuinder

Rassenontwikkeling is iets van alle tijden. "Er is hierbij veel aandacht voor smaak, maar een aardbei moet ook aan andere wensen voldoen", legt Robben uit. "Zo moet de plant productief en niet te kwetsbaar zijn, en moeten de aardbeien houdbaar zijn om de gang naar de supermarkt of het buitenland te kunnen maken."

Compromis tussen smaak en houdbaarheid

Aardbeien telen is volgens hem de afgelopen jaren wel steeds meer een compromis tussen smaak en houdbaarheid geworden. "De allerlekkerste aardbei moet de tijd hebben om bij de consument terecht te komen, en dat gaat eigenlijk niet goed samen."

Robbens favoriete aardbei is de Favori. Deze is vanaf mei tot in de herfst verkrijgbaar. "Een stevige zoete aardbei, die de afgelopen drie jaar bij veel proeverijen als de best smakende aardbei uit de bus is gekomen. Ook veel restaurants kiezen voor dit ras."

Een bekend voorbeeld van een aardbei die maar beperkt houdbaar is, is de veelgeprezen Lambada-aardbei. "Deze is niet eenvoudig te telen. De vruchtjes zijn zwak en maar beperkt houdbaar. Ook levert het relatief weinig kilo product op per plant", legt Robben uit. "Kortom, niet heel interessant voor de teler."

Tuinder Peter van de Ven teelt Sonsation- en Lambada-aardbeien. "Sonsation is smaakvol, transporteerbaar en goed te bewaren. Lambada is ook smaakvol, maar verder eigenlijk alles wat de supermarkt niet wil. Je zal ze daarom niet snel daar aantreffen."

Rijp in de supermarkt

Van de Ven verkoopt dan ook niet aan supermarkten, maar aan horeca, in zijn eigen winkel en aan wederverkopers zoals marktkooplui. Aardbeien in de supermarkt zijn meestal Elsanta, al staat er over het algemeen niets over het aardbeienras op de verpakking vermeld.

"Elsanta is productief, houdbaar en geschikt voor alle manieren van telen", legt Robben uit. De aardbeien kunnen na de pluk negen dagen overleven, dus ook de route via het distributiecentrum. "Te lang om lekker te smaken", vindt hij.

Om niet te rijp in de supermarkt terecht te komen, worden aardbeien soms te groen geoogst, waarschuwt Van de Ven. "Voor de smaak en ook de gezonde voedingsstoffen is het juist belangrijk dat rood fruit, zoals rode bes, aardbei en framboos, rood geoogst wordt."

Robben is het met hem eens: "Als het fruit thuis nog moet rijpen, komt dat de smaak niet ten goede. Een aardbei wordt nou eenmaal niet lekkerder na het plukken."