Maart is dé tijd om te starten met een (mini)moestuin. En dat is helemaal niet moeilijk, zeker niet met onderstaande adviezen van twee moestuinexperts.

Meer dan vijf minuten per dag is er volgens Jelle Medema niet nodig om zelf groente te verbouwen. "Veel beginners raken na een paar maanden gedemotiveerd, omdat de oogst mislukt of omdat ze het toch wel veel werk vinden om de planten te onderhouden. Maar zo hoeft het echt niet te gaan."

Medema startte in 2007 de Makkelijke Moestuin, dat uitgroeide tot een actieve community en een gratis app die beginners stap voor stap begeleidt. "Begin klein, met een paar vierkante meter, een moestuinbak of een paar growbags."

Floor Korte van Floors Moestuin, die twee boeken over moestuinen schreef, raadt aan om vooraf ook goed na te denken over wát je wil gaan verbouwen. "Wat vind je lekker om te eten? Als je niet van bietjes houdt, heeft het weinig zin om ze te zaaien."

Met goede grond kan het bijna niet misgaan

Medema's belangrijkste advies is het gebruik van goede grond. "Bijvoorbeeld een speciale moestuinmix. Dan kun je het zelf bijna niet meer verpesten." Potgrond bevat volgens de moestuinier veel kunstmest, waardoor planten in het begin te veel voeding krijgen. "Ze maken dan bijvoorbeeld veel blad aan maar weinig wortel of knol."

Planten in moestuinmix in bakken en potten in plaats van in de volle grond, scheelt bovendien onkruid wieden. Medema: "Je hebt maar 20 centimeter grond nodig. Wortels worden dan weliswaar ook niet langer dan 20 centimeter, maar kies je de juiste soort dan worden ze gewoon dikker als ze de bodem bereiken."

Tips om te starten met moestuinieren:

  • Bedenk waar(in) je groenten gaat verbouwen, in bakken of potten scheelt onkruid wieden.
  • Gebruik goede grond, zoals moestuingrond of -mix.
  • Zaai wat je lekker vindt om te eten.
  • Zaai groenten die gemakkelijk groeien, bijvoorbeeld radijsjes, wortels, spinazie en sla.
  • Heb je weinig ruimte, ga dan de hoogte in met onder meer palmkool, klimcourgette, bonen en tomaten.

Hier staan je bakken het best

Waar je de bakken precies plaatst, is volgens de deskundigen ook iets om over na te denken. Korte: "Kijk waar de zon staat en of er zaken in de tuin zijn die schaduw kunnen geven, zoals een schuurtje of boom."

Vruchtgewassen, zoals pompoen, tomaat, komkommer en courgette, hebben minstens zes uur per dag zon nodig. "Veel bladgroenten, bijvoorbeeld spinazie, sla, andijvie en paksoi, kunnen beter tegen schaduw", aldus Korte.

Medema ziet de moestuin het liefst zo dicht mogelijk bij het huis, zodat je de planten bij wijze van spreken vanuit je keukenraam kunt zien. "Je ziet meteen hoe de groenten erbij staan en je kunt gemakkelijk wat kruiden knippen als je aan het koken bent."

Weinig ruimte? Ga de hoogte in

Makkelijk te verbouwen groenten zijn er volop. Zo geven radijsjes snel resultaat. Ook pluksla, wortels en spinazie zijn prima groenten om mee te beginnen. Voorzaaien, waarbij je binnen al een zaadje laat ontkiemen, is volgens Medema bijna nooit nodig. "Beter van niet zelfs. Dan wennen de planten meteen aan het klimaat buiten."

Heb je weinig ruimte, dan kies je het beste voor soorten groenten die de hoogte ingaan in plaats van de breedte. Palmkool bijvoorbeeld, die hetzelfde smaakt als boerenkool. Of klimcourgette, sperziebonen en tomaten die via een klimrekje omhoog groeien. Medema: "Als je bonen of courgettes oogst, komen er vanzelf nieuwe aan. Je kunt er dus de hele zomer van eten."