Consumenten blijven het lastig vinden om in de supermarkt aan de hand van verpakkingen en etiketten te bepalen of een product gezond is of niet. Hoogleraar voeding en gezondheid Jaap Seidell legt uit hoe dat komt en geeft advies.

In online onderzoek in opdracht van WW (voorheen Weight Watchers) zeggen zes op de tien Nederlandse deelnemers naar het etiket van een product te kijken om te bepalen of het gezond is. Zeven op de tien respondenten zegt echter dat het niet makkelijk is om te bepalen of een product daadwerkelijk gezond is.

De resultaten verbaasden Olivier De Greve, algemeen manager WW Benelux, niet. "Etikettering is en blijft complex. Er is behoefte aan meer duidelijkheid. Om etiketten goed te kunnen beoordelen moet je zowat een wetenschapper, wiskundige en diëtist in een zijn."

Seidell, als hoogleraar verbonden aan de Vrije Universiteit, is het met hem eens. "Op de verpakking staan allerlei claims, zoals minder suiker en meergranen, en etiketten zijn te ingewikkeld om te lezen. Zo zijn er alleen voor suiker al zeker 26 termen."

Wie of wat moet je geloven?

Er wordt veel geld gestopt in voorlichting over gezonde voeding, maar er komt tegelijkertijd ook veel informatie van fabrikanten, supermarkten en sociale media op ons af. "En dat maakt het juist ingewikkeld", aldus Seidell. "Op internet heb je gelezen dat je buikpijn krijgt van gluten of dat je kanker krijgt van vlees. Eenmaal in de supermarkt weet je dan niet meer wie je moet geloven en wat gezond of ongezond is."

Tips voor het lezen van etiketten:

  • De voedingsstof die het eerst wordt genoemd, zit er het meest in.
  • Er zijn verschillende termen voor suiker: kristalsuiker, suiker, melksuiker, vruchtensuiker, glucose-fructosestroop, isoglucose, melksuiker, lactose. Honing, appelsap, ahornsiroop, agavesiroop of vruchtenconcentraat zijn ook bronnen van suiker.
  • Staat er op de verpakking een plaatje van bijvoorbeeld een banaan, dan moet op de verpakking staan hoeveel procent banaan erin zit.
  • Ook E-nummers moeten worden vermeld. Soms staan ze er echter onder hun gewone naam op. Zo staat E330 voor citroenzuur en E300 voor vitamine C.
  • Als gebruik is gemaakt van genetische modificatie, dan moet dat op de verpakking staan. Zo moet er bijvoorbeeld op staan dat het is geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja.
  • De voedingswaarde moet in ieder geval worden vermeld per 100 gram of 100 milliliter. Gebruik dit als je producten met elkaar wil vergelijken. Soms staat er namelijk ook de voedingswaarde per portie op, maar die kan variëren per product.

Er moeten volgens Seidell daarom strengere regels komen voor wat er op verpakkingen en etiketten mag staan. "En er moet beter worden gehandhaafd door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Traditioneel, ambachtelijk, minder suiker. Het mag allemaal, maar het betekent niet dat een product gezond is."

Voor wie zijn kennis over etiketten wil testen, ontwikkelde het Voedingscentrum de test Wat weet jij van het etiket?. Ook is er de app Kies Ik Gezond?, waarmee je producten kunt vergelijken en waar suggesties voor gezondere alternatieven worden gedaan.

Logo's op de verpakking

Recent onderzoek onder duizend Nederlanders suggereert dat voedselkeuzelogo's op de voorkant verpakkingen consumenten kunnen helpen om een gezondere keuze te maken. In de studie presteerde de in Frankrijk ontwikkelde Nutri-Score het beste.

Seidell is sceptisch: "De Nutri-Score is een vrijwillig systeem. Fabrikanten zullen een slechte score daarom niet snel vermelden." Vooral consumenten die al relatief gezond eten, zullen op de score gaan letten, vermoedt de hoogleraar. De Nutri-Score wordt zoals het er nu naar uitziet halverwege 2021 in ons land ingevoerd.

Volgens Seidell kun je beter je gezonde verstand gebruiken en zoveel mogelijk gaan voor producten met een korte ingrediëntenlijst en onbewerkt voedsel en daarnaast zoveel mogelijk zelf bereiden. "Pas als je zelf een appeltaart hebt gebakken, weet je hoeveel suiker erin gaat."