Hoogopgeleide 65-plussers drinken meer dan laagopgeleide leeftijdsgenoten. 

De hoogopgeleide drinker van 65 jaar of ouder valt het vaakst in de categorie overmatige drinker (15 procent). Ze geven zelf aan dat ze vaker stevig drinken dan hun laagopgeleide leeftijdsgenoten en ook vaker dan de jongere hoogopgeleiden.

Dat blijkt uit cijfers van de gezondheidsenquête/Leefstijlmonitor van het CBS, het RIVM en het Trimbos-instituut.  

Ook bij jongeren blijken hoogopgeleiden meer te drinken dan laagopgeleidde leeftijdsgenoten. Van de hoogopgeleide van 25 jaar en ouder zegt 89 procent het afgelopen jaar te hebben gedronken. Dat is bij middelbaar- en laagopgeleide leeftijdsgenoten 83 en 70 procent. 

Mannen versus vrouwen

Laagopgeleide mannen drinken minder vaak dan hoogopgeleide mannen (79 tegenover 93 procent), maar als ze drinken, is hun alcoholgebruik wel vaker overmatig. 

Ook laagopgeleide vrouwen drinken minder vaak dan hoogopgeleide vrouwen (63 tegenover 86 procent). Het aantal overmatige drinkers is bij alle opleidingsniveaus ongeveer even hoog (ongeveer 10 procent).