Een Eindhovense drugsdealer (20), die werkte vanuit een huis in de wijk Vaartbroek, moet negen maanden de cel in. Dat is een maand minder dan de officier van justitie eiste.

In zijn telefoon vond de politie veel berichten die op drugshandel wezen. Het beeld dat de officier schetste tijdens de rechtszaak in Den Bosch: de vrouw die in het huis woonde, had niets meer te vertellen. Er was sprake van geweld, de vrouw sliep op de bank want haar bed was bezet door een van de mannen. Zelf werkte ze mee aan de handel door de drugs te verpakken.

Tegen de twintigjarige Eindhovenaar was voldoende bewijs dat hij dealde, vond de officier. De rechtbank vindt dat ook. Bij de inval van de politie in het huis, werden cocaïne en heroïne aangetroffen. De rechtbank wrijft dat de Eindhovenaar niet aan omdat het spul in een jas zat van de bewoonster en hij niet zeker kon weten wat er in die jas zat.