Theaterfestival De Parade streek vrijdag voor de eerste keer neer in Eindhoven. In afgeslankte vorm weliswaar vanwege de coronamaatregelen, maar de blijdschap was er niet minder om, zowel bij publiek als spelers. "Zó goed om weer terug te zijn."

Met joint in de mond en gekleed in ochtendjas en slippers strompelde Remko Vrijdag vrijdagavond het podium op. Dit coronajaar was de oorspronkelijk Eindhovense acteur en cabaretier niet in de koude kleren gaan zitten. Hectoliters gin-tonic had hij achterover geslagen, thuis op de bank, en heel Netflix twee keer uitgekeken. Een bange wezel was hij geworden. Hij had vrijdag op het podium van De Parade in Eindhoven even helemaal geen zin om mensen te amuseren.

Nee, dan zijn tegenspeler, Rutger de Bekker. Strak in het pak, smile van hier tot ginder. De oud-Veldhovenaar had er juist ver-schrikkelijk veel zin in, want het leven is verrukkelijk nu alles weer open mag en half Nederland al is gevaccineerd. Dus: "Spelen godverdomme! The show must go on."

Deze onderlinge theatrale tweestrijd is het prikkelende uitgangspunt van de prachtige Parade-voorstelling The Good and The Ugly.

Natuurlijk kreeg Rutger de Bekker Remko Vrijdag aan het spelen. En hoe. De twee brachten fraaie liedjes, laverend tussen pop, kleinkunst en musical, speelden een Brabantstalige act rond kassameisjes van middelbare leeftijd, en een sterke sketch over Vrijdags dit jaar overleden vader, die op zijn eigen begrafenis vanuit de kist de speech voor zijn zoon dicteert.

Een hoogtepunt is een sketch over De Vliegende Panters, de invloedrijke cabaret-act waar de heren jaren geleden samen met Diederik Ebbinge furore mee maakten. Vrijdag speelde een wat dommige Brabantse fan van toen, die helemaal niets begrepen had van ironische liedjes als We worden bedreigd door de moslims en Het Blanke Ras. "Die dikke zie ik nog weleens bij De Luizenmoeder", zei hij tegen De Bekker. "Maar waarom zie ik jou nooit meer op tv?"

Anno 2021 bleek de fan een verwarde wappie te zijn geworden. Hij kan er ook niet veel aan doen, concludeerden de twee kleinkunstenaars met mededogen in een lied met een knipoog naar Under Pressurevan Queen en David Bowie: de spanning van dit jaar is voor sommigen nu eenmaal teveel geweest.

De twee Brabantse vakmannen staan voor de ideale Parade-act, een voorstelling met swing en een lach en een traan. Zelfs met een sentimentele afsluiter komen deze heren weg.

"Zó goed om weer terug te zijn", riep een geëmotioneerde Remko Vrijdag na het slotapplaus, en hier zat geen woord ironie bij. Enig minpunt: hun korte optreden smaakte naar véél meer.

Ook Het Zuidelijk Toneel ging in première, met Eins Zwei Schweinerei. De korte dorpsklucht is geïnspireerd op een oude Oostenrijkse comedy rond een plattelandsschooltje dat gesloten dreigt te worden omdat de leerlingen ondermaats presteren.

Het stuk - met een sterke Elsie de Brauw als meester Wampie (met zweep) - werd deels naar deze tijd gehaald, met brutale, oversekste leerlingen met baseballpetjes die "fuck you" zeggen tegen de meester. Ook de vaart zat er goed in. Toch bleef het te lang een ouderwetse klucht, inclusief constant open- en dichtslaande deur op het podium, in plaats van een hedendaagse parodie daarop.

Spannend werd het pas tegen het einde toen de boel flink ontspoorde: denk blote konten, hitsige seks en foute Duitse technopop. De luidende klokken van de nabijgelegen St. Joriskerk speelden onbedoeld een toepasselijke bijrol.

En De Parade? Die komt volgend jaar terug naar Eindhoven, zo beloofde directrice Nicole van Vessum. "We hebben natuurlijk een beetje een dubbel gevoel nu. Eigenlijk zouden we hier vorig jaar al zijn, en nu zijn we er met één tent en moet je je laten testen. Maar volgend jaar zijn we hoe dan ook terug met een hele Parade."