De Keniaanse atleet Eliud Kipchoge kreeg hulp van de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) bij zijn record tijdens de marathon in Wenen. De atleet maakte gebruik van de windtunnel van de TU/e waarin de ideale loopformatie werd getest.

De Keniaan is de eerste atleet ooit die een marathon onder de twee uur liep.

Bij zijn recordpoging kreeg Kipchoge hulp van aerodynamicaspecialist Robby Ketchell en TU/e-onderzoeker Bert Blocken. Beide specialisten hebben honderd loopformaties geanalyseerd. Zo konden ze zien bij welke formatie de Keniaanse atleet de minste luchtweerstand zou hebben en dus sneller zou kunnen lopen.

Bij de recordpoging zouden namelijk zogenoemde 'hazen' worden ingezet, mensen die om de atleet lopen om het tempo te bepalen en de luchtweerstand te verminderen. Wel moest nog bepaald worden in welke formatie de mensen moesten lopen.


Formaties werden in windtunnel getest


De geanalyseerde formaties werden door Blocken getest in de windtunnel van de TU/e.

Uiteindelijk bleek de ideale loopformatie een omgekeerde V te zijn. Zeven langeafstandslopers voor Kipchoge en drie achter hem. Hierdoor kreeg de atleet 85 procent minder luchtweerstand te verduren.

"De hazen krijgen een grotere luchtweerstand te verduren door de stromingsweerstand van de trechter. Voor dit marathonrecord ging het enkel om het minimaliseren van de luchtweerstand van Eliud Kipchoge, niet van de hazen. Dan is deze omgekeerde V superieur", legt Blocken uit.

De formatie van Blocken en Ketchell heeft zijn vruchten afgeworpen. De Keniaanse Kipchoge wist in 1 uur 59 minuten en 40 seconden te finishen.