12.784 vmbo'ers sloten de maandag af met een examen nask 2. Uit de eerste reacties blijkt dat het geen bijster moeilijk examen was. En voor Kayleigh van der Heiden (15) geldt dat ook. "Voor mij was opdracht 20 de enige vraag die ik echt moeilijk vond. Dat ging over de zuurheid van tafelazijn."

Kevin Rademaker (16) sluit zich aan bij Van der Heiden. "De toets was wat makkelijk. Ik denk dat mijn lessen een goede voorbereiding waren voor dit examen. Ik heb helemaal niet geleerd namelijk", lacht hij.

Desgevraagd legt hij uit wat er dan zo makkelijk was. "Ik vond sommige vragen gewoon een kwestie van logisch nadenken. Wanneer gevraagd wordt of keukenazijn of tafelazijn zuurder is, dan lijkt het mij logisch om voor die eerste te gaan."

Niet makkelijk, ook niet moeilijk

De ervaring van de zestienjarige Jorni Lemeer dient als nuancering voor het verhaal van Van der Heiden en Rademaker. "Het ging wel. Het ging over het algemeen wel goed, maar ik struikelde over een paar rekenvragen. Maar over het algemeen ben ik blij hoor."

Ook Miray Serrt (17) durft niet te spreken van een makkelijk examen. "Het ging niet goed, het ging niet slecht." Dit ondanks haar goede voorbereiding. "Dit weekend heb ik een aantal oefenexamens gemaakt. Ook heb ik een boek met oefenopdrachten van mijn vriendin geleend en heb ik de afgelopen tijd bijles gehad. Vanmorgen ben ik trouwens nog extra vroeg opgestaan om alles nog eens door te nemen."

Vragen met veel tekst

Docent Glenn Hille van het Nuenenscollege in Nuenen spreekt van een "maakbaar examen". "Wat er gevraagd wordt is misschien niet zo moeilijk, maar het vinden van het antwoord maakt de vraag moeilijker. Gelukkig heb ik niks gezien wat de leerlingen niet kunnen weten."

Volgens Hille werd op gebied van begrijpend lezen wel het nodige van zijn leerlingen gevraagd. "Bijvoorbeeld bij vraag 21. Daar staan acht stappen van een stappenplan. Om de vraag goed te begrijpen moest je acht regels lezen en begrijpen."

Het zou kunnen dat de leerlingen van Hille extra veel moeite hebben het examen, want meer dan een derde recht heeft op extra tijd. "Sommige vragen waren lastig voor dyslectici, vraag 30 bijvoorbeeld. Dat zit 'm in het terugkijken in de tekst. En dat was misschien een grote opgave. Er waren maar liefst dertien pagina's vol met tekst."

Binas

Geen van de examencorrespondenten noemt de gevraagde leesvaardigheid als een struikelblok. Hille zit echter wel op één lijn met sommige leerlingen over de Binas. "Die was broodnodig ja. Bij de tweede vraag al, bij vraag 4 ook. Bij 13 weer. Bij een aantal andere vragen was het makkelijk om hem erbij te hebben. Gelukkig is hij verplicht", aldus Hille.

Lemeer stemt in, volgens hem was de Binas "heel belangrijk" om dit examen door te komen. "Soms had je bijvoorbeeld de triviale of rationele naam van een stof nodig." Ook Rademaker onderstreept de waarde van het boekje. "Veel nodig gehad ja. Zo moest je een aantal keer massagetallen opzoeken, om te kijken hoe zwaar een atoom is."

Rademaker gaat van de Binas direct naar een toverlamp, onderwerp van een van de vragen die hem zijn bijgebleven. "Er werd een stof in een lamp gestopt, waar die stof reageerde op een andere stof. Hier moest je dan de reactieformule voor opstellen. Dat kwam een aantal keer voor."

Van der Heiden stond, zoals gezegd, alleen bij vraag 20 wat langer stil. "Ik was na drie kwartier al klaar, dus heb ik daarna nog drie kwartier geprobeerd om die vraag te maken. Of het gelukt is? Ik durf het niet te zeggen."

Drie maanden en dertien dagen

Lemeer beleefde met nask 2 zijn laatste examen en hield er dus een goed gevoel aan over. "Dan ga je lekker de vakantie in hoor. Ik heb uitgerekend dat ik maar liefst drie maanden en dertien dagen vrij heb. Daar ga ik optimaal van genieten!"

Op het moment van schrijven waren er bij het LAKS een kleine tweehonderd klachten gemeld over dit examen.