19.345 vmbo'ers begonnen woensdagochtend met een examen aardrijkskunde dat over het algemeen als makkelijk werd ervaren.

"We zijn deze keer niet gepest door het Cito (Centraal Instituut voor Toetsontwikkeling, red.). Het was best wel een makkelijk examen en ik was niet de enige die dat vond", aldus de vijftienjarige Zola Beumer. Opgelucht verliet ze dan ook al om 10.30 uur de examenzaal. "Ik had niet heel hard gestampt, maar ik kwam prima door het examen heen."

Ook Jesse van der Zee (16) worstelde niet met de opgaven. "Ik heb de atlas helemaal niet gebruikt en ook de 'topo' had ik niet nodig. Zelfs de vraagstelling vond ik makkelijk."

Docent Kimberley Springer-Vonk van het Bernard Nieuwentijt College in Monnickendam kan zich vinden in de meningen van Beumer en Van der Zee. "Ik vond het examen erg goed te doen. De vragen waren divers, het brongebruik was goed en functioneel en mijn leerlingen waren ruim op tijd klaar."

Ook zaten er volgens Springer-Vonk 'weggevertjes' in het examen. "De vraag over de bevolkingsgroei in Nederland was echt makkelijk. Op basis van de gegeven cijfers over geboorte, sterfte, immigratie en emigratie zouden de scholieren dat moeten weten."

Ook de vraag over de verspreiding van ziekten door muggen was volgens de docent zeker te doen. "Door de opwarming van de aarde en het versterkte broeikaseffect, komen er ook meer muggen."

Juist of onjuist?

Van der Zee merkt wel op dat er in het examen veel vragen voorkwamen waarbij de vmbo'ers moesten invullen of uitspraken juist of onjuist waren. "Dat maakte het examen wat eentonig voor mij."

Ook Beumer noemt dat er meer dan genoeg juist-onjuistvragen in het examen zaten. Volgens Springer-Vonk was dit in het voordeel van de scholieren. "Door dit soort vragen, hoeven ze niet heel veel te schrijven. Ook de open vragen konden met een vrij concreet antwoord afgedaan worden, waardoor de leerlingen niet in tijdnood kwamen. De meeste scholieren waren na een uur en een kwartier wel klaar en de extra tijd die sommige leerlingen hadden, is niet benut."

Voor de vijftienjarige Rohan Bindesrisingh voelde echter niks in dit examen als een voordeel. "Het was echt heel lastig en ik twijfelde over alles. Het leek alsof er heel veel gevraagd werd over bevolking en ruimte, terwijl ik daar juist wat minder van begrepen had in de les."

Toch heeft Bindesrisingh tot het laatste moment zijn best gedaan om de examenstof in zijn hoofd te stampen. "Ik heb de hele nacht doorgeleerd, dus ik heb nog helemaal niet geslapen." Dit had helaas wel gevolgen voor zijn concentratie. "Om eerlijk te zijn merkte ik wel echt een verschil met andere toetsen waarbij ik wel gewoon had geslapen van tevoren. Ik vond het lastig om me te focussen."

Aardrijkskundig begrip in Miami

Niet het hele examen was makkelijk te doen voor Van der Zee. "Er kwam een vraag in het examen voor over het eiland bij Miami. We moesten een aardrijkskundig begrip noemen dat hoorde bij de situatie waarbij mensen niet weggaan van het eiland, hoewel er kans is op natuurgeweld. Dat vond ik best lastig."

Ook voor Bindesrisingh was de term 'aardrijkskundig begrip' nieuw. "Dit kwam best als een verrassing, omdat ik het nog niet in oefenexamens was tegengekomen." Springer-Vonk legt uit dat deze verwoording inderdaad nieuw was voor de leerlingen, waardoor ze misschien in de war zijn geraakt. "Maar het antwoord zal iets met 'hazard management' of 'risicoperceptie' te maken hebben." Van der Zee heeft uiteindelijk de zelfontwikkelde term 'eilandisering' ingevuld.

Bij het LAKS zijn op het moment van schrijven nog maar een kleine tweehonderd klachten binnengekomen.