37.535 havisten maakten maandagochtend het examen geschiedenis. De meeste scholieren waren positief gestemd na het examen, ondanks het uitblijven van kenmerkende aspecten (belangrijke gebeurtenissen en perioden in de geschiedenis).

Zo ook Dirk van Leipsig (18): "Ik heb acht kantjes geschreven, maar alsnog ging ik relatief snel en soepel door de vragen heen." De scholier was iets na 11.00 uur klaar met zijn examen.

"Een klasgenoot van mij deed het nog even wat sneller. Hij was al om 10.15 uur klaar. Hij vertelde dat het wel goed ging." Ondanks het tijdoverschot wil Van Leipsig niet spreken van een makkelijk examen, iets wat klopt volgens de zeventienjarige Sanne van Berkel. "Het was te doen. Niet meer, niet minder."

Maar 'te doen' kan soms als een enorme opluchting voelen. Van Berkel legt uit: "Ik zag enorm tegen dit examen op. Ik had alleen de zestiende eeuw geleerd. Daarnaast ben ik ziek, wat ook niet helpt tijdens zo'n examen. Ben bang dat ik met mijn hoestbui iedereen uit hun concentratie heb gehaald, haha."

Weinig kenmerkende aspecten in examen

Ook Lisa Hewett (18) ging met de nodige zenuwen de examenzaal in. "Ik wist dat ik minimaal een 5,7 moet halen om de 5,3 voor mijn schoolexamens te compenseren."

"Het ging veel over de Koude Oorlog en weinig over de kenmerkende aspecten. Daar ben ik echt heel blij mee. Heb er wel een goed gevoel over", aldus Hewett. Ook Van Leipsig is blij met deze afweging van de examenmakers. "Ik heb redelijk geoefend hoor, maar die kenmerkende aspecten heb ik helemaal niet geleerd. Kwam mij uitstekend uit dus."

Louk van Loon (17) denkt er wat betreft de kenmerkende aspecten het zijne van. "Ik had daar echt veel tijd in gestoken. En maar één vraag waarbij er letterlijk naar gevraagd werd. Voel me wel geflest nu. Maar alsnog was het examen wel te doen, hoor."

Ook docent Stefan van der Weide tempert het gejubel over de weinige kenmerkende aspecten. "Of je daar blij mee moet zijn? Tja, ligt er maar net aan wat en hoe je leert. Als docent is het wel zonde, dat je daarop hamert en dat het niet in de examens terugkomt. Ik had dit niet verwacht."

'Examen met veel bronnen waar tijd in gaat zitten'

In elk examen zit wel een vraag waar de kandidaten op blijven steken. Voor Van Leipsig was dat de allerlaatste vraag. "Bij twee van drie voorbeelden een kenmerkend aspect noemen. Tja, dat wist ik dus niet."

Van Berkel twijfelde op haar beurt over de uitgangspunten van de calvinisten en de tijdsvolgordevragen, waar Hewett vrijwel meteen een lastige opgave tegenkwam. "Een van de eerste opdrachten ging over het gedrag van de adel, waarbij ik bron drie moest gebruiken om dat gedrag uit te leggen. Dacht echt van: wat wil je van me? Ik ga daar wel over klagen."

Van der Weide concludeert. "Een examen met een behoorlijk aantal bronnen, wat aardig wat werk geeft. Maar ook veel elementen die de leerlingen uit voorgaande jaren zouden kunnen kennen. De Praagse Lente bijvoorbeeld. Van mijn leerlingen kreeg ik de indruk dat het wel te doen was."