LONDEN - De olieprijzen zijn gedaald nadat ze kortgeleden op hun hoogste niveau in ongeveer twee jaar hebben gestaan. Dinsdag noteerde olie uit de Noordzee op de Londense termijnmarkt 28,70 dollar per vat (159 liter), bijna 3,5 procent ofwel 1 dollar lager dan maandag. Amerikaanse olie werd 3,50 dollar goedkoper en noteerde 30,05 dollar.

De prijzen gingen dalen nadat maandag een functionaris van de OPEC, de Organisatie van Olie-Exporterende Landen, had gezegd dat het oliekartel bereid is zijn olieproductie te vergroten. Die vergroting is bedoeld om het uitvallen van olie uit Venezuela op te vangen. Dat land wordt al dertig dagen geplaagd door een nationale staking, waardoor de olie-export vrijwel tot staan is gekomen.

De prijs van OPEC-olie ligt op het ogenblik op ongeveer 31 dollar. De olie-organisatie, goed voor tweederde van het aanbod op de wereldoliemarkt, streeft naar een prijspeil van tussen de 22 en de 28 dollar. Met productieverkleiningen dan wel productievergrotingen kan de OPEC zijn olie op dat niveau houden.

De olieprijzen mogen dinsdag dan zijn gedaald, over heel 2002 gezien zijn ze met ongeveer 50 procent omhoog gegaan. De belangrijkste oorzaak daarvan ligt in de dreiging van een Amerikaanse inval in Irak. Mochten de Verenigde Staten het land daadwerkelijk binnenvallen, dan kan het conflict zich uitbreiden en dreigt de olietoevoer uit het Midden-Oosten stil te vallen. De stakingen in Venezuela, de op vier na grootste olie-exporteur ter wereld, waren een tweede oorzaak van de stijging van de prijzen.