Ouderen straks rijkste generatie

DEN HAAG - Gepensioneerden hebben over drie jaar gemiddeld een hoger inkomen dan generaties onder 65 jaar. In 2010 wordt volgens minister Aart Jan de Geus van Sociale Zaken eindelijk het gegeven doorbroken dat oud gelijkstaat aan arm.

De belangrijkste reden voor het hogere inkomen van ouderen is dat ze langer doorwerken en meer pensioen opbouwen.

Dat heeft een woordvoerster van de demissionair bewindsman dinsdag bevestigd naar aanleiding van een interview met de Volkskrant. Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) concludeerde in november al dat de armoede in Nederland afneemt, omdat gepensioneerden rijker worden. Steeds minder mensen hoeven rond te komen van alleen de AOW.

Verhuizen

"Kleine aanvullende pensioenen groeien uit tot een middeninkomen. Ouderen kunnen hun welvaartsniveau vasthouden. Ze hoeven niet te verhuizen en kunnen blijven deelnemen aan het sociale leven", aldus De Geus.

De CDA-minister verzet zich tegen het pleidooi van PvdA en ChristenUnie, waarmee de christendemocraten nu coalitiebesprekingen voeren, om rijkere ouderen meer aan de AOW te laten meebetalen.

Afpakken

"Nu gaat het een keer goed, moeten we dat meteen weer afpakken? De inkomensstijging zit niet in de AOW, maar in het zelfgespaarde pensioen."

Jongeren

De Geus vreest geen generatieconflict. De bijdrage van jongeren aan de AOW daalt volgens hem de komende decennia van 52 naar 38 procent. Tegelijkertijd betalen ouderen via de belasting ook voor onderwijs, kinderbijslag en kinderopvang.

Tussen 2006-2030 stijgt de koopkracht van 65-plussers bijna met een kwart. Zelf zullen ze dat niet zozeer als verbetering ervaren, omdat zij hun inkomen na hun pensioneren vooral beter weten vast te houden.

Het gemiddelde inkomen per huishouden van ouderen (aangepast aan de inflatie) groeit van 34.100 euro in 2006 naar circa 52.800 euro in 2030. Dan is het inkomen van de helft van de ouderen minimaal 10 procent hoger dan het gemiddelde inkomen van 65-minners. Ouderen zijn steeds hoger opgeleid en hebben daardoor vaak beter betaalde banen gehad. Ook hebben ze vaker vermogen uit een eigen woning en sparen meer dan jongere generaties.

Verschillen

Verder wordt meer pensioen opgebouwd, omdat de arbeidsparticipatie van vrouwen stijgt. De verschillen tussen mannen en vrouwen worden kleiner, maar blijven aanzienlijk. Zo is het gemiddelde aanvullende pensioen van mannen in 2006 meer dan drie keer zo hoog als dat van vrouwen. In 2030 hebben de mannen nog ruim het dubbele.

Allochtonen

Wel groeit de groep mensen met een onvolledige AOW. De alleenstaande oudere vrouwen aan de onderkant worden vervangen door nieuwe 65-plussers met te weinig opbouw voor de oudedagsvoorziening. Vaak zijn dat allochtonen die te kort in Nederland hebben gewoond. Werden in 2005 nog 170.00 AOW-uitkeringen gekort, in 2020 zijn dat er naar schatting 600.000.

Het aantal ouderen dat daarom een beroep moet doen op aanvullende bijstand, stijgt van ruim 20.000 naar 55.000 in 2020.

Tip de redactie