DEN HAAG - Het ontbreekt de overheid aan een goede visie op het openbaar vervoer. Daardoor is de kwaliteit van het trein-, tram- en busvervoer onder de maat. Het Rijk moet zich actiever en minder vrijblijvend opstellen. Dat stellen diverse organisaties, waaronder de Consumentenbond, Rover en de ANWB, in een woensdag gepubliceerde brief aan de Tweede Kamer.

De overheid moet volgens deze belangenverenigingen de bedrijfszekerheid en de punctualiteit van het openbaar vervoer waarborgen. Verder moet het Rijk er voor zorgen dat de infrastructuur van goede kwaliteit is en iedereen gebruik kan maken van de bus, tram en trein. De overheid moet hiervoor onder meer voldoende wettelijke middelen creeëren, aldus de organisaties.

Om de politiek op weg te helpen, hebben de belangenverenigingen tien kwaliteitseisen gesteld. Zo willen ze dat er voldoende zitplaatsen in de trein komen. Verder moet de trein weer op tijd gaan rijden en altijd veilig zijn. De prijs van bijvoorbeeld treinkaartjes en de strippenkaart moet niet te veel stijgen en de behoeften van reizigers moeten centraal komen te staan.

Uit een enquête van de Consumentenbond blijkt dat driekwart van de Nederlandse bevolking vindt dat spoorreizigers geen waar voor hun geld krijgen. Ongeveer 70 procent is van mening dat de prijs van het treinkaartje niet of maximaal met de inflatie mag stijgen. Negen van de tien mensen vindt dat de overheid meer geld in het openbaar vervoer moet steken om het betrouwbaarder en veiliger te maken.