DEN HAAG - Voor Polen en werknemers uit andere Oost-Europese EU-landen wordt de toegang tot een groot deel van onze arbeidsmarkt makkelijker vanaf 17 september. Staatssecretaris Henk van Hoof (Sociale Zaken) heeft vrijdag bekendgemaakt dat deze werknemers sneller een vergunning krijgen om te werken bij zowel de overheid, zoals het Rijk en gemeenten, als bij de politie, de rechterlijke macht, openbare nutsbedrijven en diverse marktsectoren.

In de markt gaat het om: zagerijen, schaverijen en de houtbereidingsindustrie, de metaalindustrie, bakkerijen, slagers(bedrijven), detailhandel en ambachten, grootwinkelbedrijf, horeca, groothandel, zakelijke dienstverlening, mortelbedrijven en telecommunicatie. In deze branches hoeven werkgevers niet meer eerst te proberen in Nederland werknemers te werven, voordat ze een Pool in dienst nemen.

Scheepvaart

Eerder konden Polen al makkelijker aan het werk te komen in de agrarische sector, de binnenscheepvaart, bij slachterijen en visfileerbedrijven, in het wetenschappelijk onderzoek en de kleinmetaal. Van Hoof noemt het risico voor verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt minimaal in de sectoren die hij openstelt.

Het kabinet streeft ernaar dat per 1 januari de grenzen helemaal opengaan voor werknemers uit Polen, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Slovenië, Slowakije en Tsjechië. Daarbij heeft de Tweede Kamer nog wel meer maatregelen gevraagd om gelijke beloning en handhaving van het minimumloon te garanderen. Vooral het CDA en de linkse oppositie vreest dat er anders oneerlijke concurrentie ontstaat.