DEN HAAG - Veel mensen met een mbo-opleiding werken onder hun niveau en buiten het eigen vakgebied. Bovendien is de werkloosheid onder mbo'ers met een economisch-administratieve opleiding opvallend hoog. Daarnaast is er, met name in de zorg en techniek een dreigend tekort aan personeel met het hoogste mbo-niveau aan het ontstaan.

Dat constateert de Raad voor Werk en Inkomen (RWI) in een donderdag verschenen analyse van de positie van mbo'ers op de arbeidsmarkt. De RWI spreekt van een onderbenutting van arbeidspotentieel, vooral ook omdat de mbo'ers de grootste opleidingscategorie op de arbeidsmarkt vormen.

Er zijn in Nederland ongeveer 3,3 miljoen mensen tussen de 15 en 65 jaar met een middelbare beroepsopleiding. Bijna driekwart daarvan is aan het werk.

Niveau

Het mbo kent vier verschillende opleidingsniveaus. Meer dan een kwart van de mbo'ers heeft een baan onder het eigen niveau. Ook werken er veel economisch/administratief afgestudeerden buiten het eigen vakgebied, bijvoorbeeld in lagere functies in de horeca.

Afgezien van de onderbenutting van het arbeidspotentieel betekent dit ook een verdringing van mensen met een lagere opleiding richting werkloosheid.

Doorstroom

Er zijn een aantal oplossingen voor de problemen volgens het RWI. "Doorstroom van hogere mbo-niveaus en van mbo naar hbo. Daarnaast is het van belang dat er bij studie- en beroepskeuzevoorlichting meer rekening wordt gehouden met de perspectieven op de arbeidsmarkt."