DEN HAAG - Minister Hans Hoogervorst van Volksgezondheid wil ziekenhuizen vanaf 1 januari 2008 meer vrijheid geven zelf prijsonderhandelingen te voeren met zorgverzekeraars.

Op dit moment mogen verzekeraars en ziekenhuizen onderhandelen over 10 procent van alle behandelingen. In 2008 zou dat 70 procent van de moeten worden. Dat heeft de minister maandag in een brief aan de Tweede Kamer laten weten. Maar de definitieve besluitvorming laat hij over aan een volgend kabinet.

De minister houdt nog meer slagen om de arm. Zo vindt hij dat alle ziekenhuiskosten verwerkt moeten zijn in de prijskaartjes per behandeling, de zogenoemde diagnose-behandel-combinaties (dbc's).

Kapitaallasten

Dus ook de kosten voor bijvoorbeeld de salarissen van medisch specialisten en de kapitaallasten moeten er in zijn verwerkt. Nu krijgen de ziekenhuizen nog per instelling een apart bedrag voor de kapitaallasten dat volledig los staat van de hoeveelheid geleverde zorg.

Roofprijzen

Bovendien wil hij de eerste drie jaar een vorm van prijsbeheersing en nacalculatie hanteren. De Nederlandse Zorgautoriteit (nu nog in oprichting) krijgt de mogelijkheid in te grijpen als een instelling te duur is.

In dat geval moet een ziekenhuis geld terugstorten in het zorgverzekeringsfonds, waaruit onder meer een bedrag voor het open houden van de spoedeisende hulp wordt betaald. Niet alleen wil hij voorkomen dat de zorgkosten de pan uit rijzen, hij wil ook voorkomen dat ziekenhuizen voor 'roofprijzen' gaan werken om een marktaandeel te verwerven.

Hoogervorst benadrukt in zijn brief dat zorginstellingen en verzekeraars altijd zelf verantwoordelijk zijn en blijven voor de kwaliteit en de kosten van de zorg.

Niet-acute zorg

De vrije prijzen zullen overigens alleen gaan gelden voor niet-acute zorg. De spoedeisende hulp, maar ook andere onderdelen zoals topklinische zorg of de bekostiging van dure geneesmiddelen acht de minister niet geschikt voor prijsonderhandelingen.

Prijskaartjes

Hoogervorst heeft de liberalisering van de zorg in 2005 ingezet met de invoering van dbc's in de ziekenhuizen. Dat jaar werd op basis van die prijskaartjes gedeclareerd. Daarnaast voerde hij prijsonderhandelingen in voor 10 procent van de ziekenhuiszorg, vooral voor makkelijk planbare behandelingen, zoals knie- en heupoperaties.

Hoewel het dbc-systeem nog niet perfect is en volgend jaar vereenvoudigd moet worden, is de minister ook al bezig met invoering van vergelijkbare prijskaartjes in andere zorgsectoren.

Verder laat hij vanaf dit jaar geleidelijk de bouw van zorginstellingen steeds meer over aan marktpartijen met de Wet toelating Zorginstellingen (WTZi). Ziekenhuizen mogen volgens die wet in elk geval tot 2012 geen winst uitkeren, maar als het aan de minister ligt gebeurt dat daarna wel.