WASHINGTON - Oud-president Bill Clinton van de Verenigde Staten vindt dat zijn land veel meer geld moet uittrekken voor ontwikkelingshulp dan nu gebeurt. Internationaal is afgesproken dat rijke landen 0,7 procent van het bruto binnenlands product (bbp) hieraan besteden. De VS voldoen lang niet aan die norm.

Clinton zette zijn visie over armoedebestrijding uiteen in een vraaggesprek met de Amerikaanse televisiezender CNN. Hij liet doorschemeren dat armoede een voedingsbodem kan vormen voor terrorisme. Dat kun je beter bestrijden door meer ontwikkelingshulp te geven dan door oorlogen uit te vechten, zo zei hij.

De VS geven nu jaarlijks ongeveer 10 miljard dollar aan ontwikkelingshulp, ongeveer 0,17 procent van het bbp. Dat zou volgens Clinton 60 miljard moeten zijn. Dat lijkt veel geld, maar op een begroting van 2 biljoen dollar valt het wel mee. Bovendien zijn oorlogen veel duurder, aldus de ex-president. Alleen al de oorlog in Irak heeft meer dan 300 miljard dollar gekost.

Volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling voldoet maar een handjevol landen aan de 0,7-norm voor ontwikkelingshulp, waaronder Nederland. De VS zijn echter wel groot in particuliere hulp. Burgers en tal van organisaties geven volgens sommige schattingen tezamen nog meer dan de regering.