AMSTERDAM - De hoge olieprijzen doen het Nederlandse bedrijfsleven nog geen pijn, hoewel de stijgende grondstofkosten een steeds groter negatief effect hebben op de resultaten. Slechts één Nederlands bedrijf heeft tot nu toe een winstwaarschuwing afgegeven. Het resultaat van een bedrijf staat of valt met het wel of niet kunnen doorberekenen van de stijgende kosten.

De situatie wordt pas penibel bij een olieprijs boven de 100 dollar per vat van 159 liter. Dat blijkt uit een onderzoek van de Amerikaanse overheidsinstantie Energy Information Administration (EIA) naar de economische gevolgen van dure olie in landen die zijn aangesloten bij de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

Olieprijs

De Rabobank sluit een dergelijke stijging van de olieprijs niet uit. "Dankzij de hoge prijs komen investeringen in de olieproductie nu op gang. Het is goed mogelijk dat die over enkele jaren tot een prijsdaling leiden. In de tussentijd zal de oliemarkt echter zeer gespannen blijven omdat het aanbod de vraag niet bij kan houden. Elke verstoring van de productieketen kan leiden tot een flinke stijging van de olieprijs, waarbij een prijs van 100 dollar niet uitgesloten is", aldus Rabo-econoom Menno Middeldorp.

De chemische industrie heeft indirect last van de olieprijs, aldus de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI). De leden, waaronder Akzo Nobel, DSM en Shell gebruiken hoofdzakelijk gas en elektriciteit in de productieprocessen. Olie wordt uitsluitend gebruikt als grondstof. De gasprijs is echter verbonden aan de olieprijs en de gasprijs bepaalt op zijn beurt weer de prijs van elektriciteit. "De gevolgen van de hoge olieprijs zijn volkomen afhankelijk van de mate waarin een bedrijf deze kosten kan doorberekenen aan de klant", aldus woordvoerder Rendo Schreurs.

Kosten

Papierproducent Crown Van Gelder slaagt daar niet in en is dus genoodzaakt de extra kosten voor eigen rekening te nemen. Dit leidde tot de waarschuwing dat het resultaat dit jaar 12 tot 20 procent lager uitkomt dan vorig jaar.

Akzo Nobel-topman Hans Wijers onderkent de situatie. "Als de olie veel duurder wordt, krijgt het consequenties, want prijzen worden doorberekend. Je zult ergens inflatoire effecten moeten zien en inkomensconsequenties. Dat zijn bedreigingen, dat kan een negatief effect op de wereldeconomie hebben."

Het Arnhemse chemieconcern heeft een aantal contracten voor de langere termijn, waardoor het effect van de dure olie wordt gedempt. Bij de energie-intensieve activiteiten als chemie, pulp en papier voelt de onderneming de prijsstijging. "Dat geldt ook voor de verven. Vooralsnog lijken de effecten mee te vallen. Wel kunnen we problemen krijgen met de hoge gas- en elektriciteitsprijzen."

Verscheidene instanties hebben schattingen gemaakt over de economische gevolgen van een verdere stijging van de olieprijs. Zo becijferde de OESO dat elke prijsstijging van 15 dollar de economische groei in de eurozone met 0,5 procentpunt op jaarbasis vermindert. Het Centraal Planbureau raamt de groeivertraging in Nederland op maximaal 0,6 procentpunt. Een stijging naar 100 dollar per vat kan de groei in Europa en Nederland dus vertragen met ongeveer 1 procentpunt.

Recordtekort

De economische ontwikkeling kan nog verder vertragen wanneer de economie van de Verenigde Staten begint te haperen. Ondanks een recordtekort op de lopende rekening blijven de VS geld lenen om de energierekening te betalen. Volgens de Rabo-econoom kan de situatie ontstaan waarbij de Amerikaanse consument gedwongen wordt te bezuinigen op de uitgaven om de energierekening te kunnen betalen.

Exportgroei

Lagere consumentenbestedingen zetten de exportgroei van andere landen onder druk. "Nederland als exportgerichte economie zou hierdoor zwaarder getroffen worden dan de meeste andere landen."

Het Amerikaanse tekort op de handelsbalans steeg in mei met 0,8 procent tot 63,84 miljard dollar. De hoge olieprijs was grotendeels verantwoordelijk voor deze toename. De VS gaven 27,88 miljard dollar uit aan het importeren van olie, 17 procent meer dan in april.

Olie is sinds het begin van dit jaar bijna 24 procent duurder geworden. Het termijncontract van een vat lichte Amerikaanse olie voor levering in augustus bereikte vrijdag het hoogste punt van 78,40 dollar per vat.