DEN HAAG - Minister Aart Jan de Geus (Sociale Zaken) zoekt naar een nieuw evenwicht in de sociale zekerheid. "De rode draad wordt scholing", aldus de bewindsman. Hij wil dit najaar knopen doorhakken met werkgevers, de vakbeweging en het onderwijs over een gezamenlijke investering. Terwijl sociale partners steggelen over soepeler ontslagrecht, benadrukt De Geus dat het kennisniveau van de Nederlandse werknemer omhoog moet.

Dit zegt de minister in een interview met het ANP over de woensdag gepubliceerde nota 'Ontwikkelingen en keuzes in het stelsel van werk en inkomen'. Om sociale voorzieningen betaalbaar te houden en meer activerend te maken heeft dit kabinet al fors ingegrepen in onder meer de WAO, WW, bijstand en het vroegpensioen.

Er is nog een verschuiving nodig van ontslagbescherming naar scholing, zodat werknemers flexibeler en weerbaarder worden op de arbeidsmarkt. "Werkgevers roepen om versoepeling van het ontslagrecht, maar bij het eindigen van een dienstverband moet een werkgever wel samen met de werknemer zorgen dat deze transferproof is op de arbeidsmarkt."

Advies

De Geus wacht op een advies van werkgevers en vakbeweging in de Sociaal-Economische Raad (SER) over het ideale ontslagstelsel. Hij hoopt dat de sociale partners er dit najaar uitkomen. "Er is geen meningsverschil over de noodzaak van scholing, maar de vormgeving zorgt voor discussie." Een dilemma is volgens de bewindsman "in hoeverre je kan uitgaan van de eigen verantwoordelijkheid en vermogens van werknemers of zijn collectieve voorzieningen nodig?"

Scholing

Scholing is volgens de minister bij uitstek een verantwoordelijkheid van sociale partners en overheid samen. Hij erkent dat de overheid lange tijd te weinig luisterde naar wensen van werkgevers over het onderwijsaanbod. "Tegelijkertijd ben ik teleurgesteld over wat het bedrijfsleven er zelf van heeft gebakken." Bestaande gelden in zogeheten O&O-fondsen voor onderwijs en ontwikkeling van werknemers zijn volgens hem onvoldoende benut en teveel gebruikt voor werk binnen de eigen branche.

Daar moet verandering in komen en De Geus heeft hoge verwachtingen van de Scholingstop die dit najaar wordt georganiseerd door sociale partners en het onderwijsveld. Bij dit overleg wil de overheid net zo aanhaken als bij de eind vorig jaar georganiseerde Werktop. Daar werd onder meer met financiële steun van het kabinet afgesproken om banen te creëren in strijd tegen de hoge jeugdwerkloosheid.

De Geus wijst erop dat bij de aanpak van werkloze jongeren de nadruk ook op scholing ligt. Via leerwerkbanen en stages wordt geprobeerd de nieuwe generatie klaar te stomen voor een goede start op de arbeidsmarkt. "Voor een leven lang leren moeten werknemers minimaal beginnen met een startkwalificatie op havo-, vwo of eerste twee jaar mbo-niveau."

Voor de mensen die al werken, moeten nu ook de handen uit de mouwen. Nederland telt circa 2 miljoen werknemers zonder die startkwalificatie. Hun positie wordt kwetsbaarder met de toenemende concurrentie uit lage lonen landen en technologische ontwikkelingen. Terwijl met de vergrijzende beroepsbevolking de vraag bij werkgevers naar gekwalificeerd personeel steeds nijpender wordt.