DEN HAAG - Minister Gerrit Zalm van Financiën vindt dat het komende kabinet moet nadenken over het geleidelijk verhogen van de AOW-leeftijd naar 67 jaar. Zalm heeft dat donderdag gezegd in een reactie op het advies van de studiegroep begrotingsruimte.

Die club van topambtenaren heeft het kabinet geadviseerd over de vraag wat er moet gebeuren om de kosten van de vergrijzing op te vangen.

Zalm noemt het advies "verstandig". Hij kan zich vinden in de aanbeveling om in de komende kabinetsperiode te zorgen voor minstens een half procent overschot op de overheidsbegroting. In een 'fiscalisering' van de AOW (het betalen van de oudedagsvoorziening uit de belastingen in plaats van uit premies) ziet hij echter niets. Dat komt volgens de VVD-bewindsman neer op "het beroven" van 65-plussers.

Serieus

Ook fractieleider Willibrord van Beek van de VVD en Tweede Kamerlid Bert Bakker van D66 reageren op hoofdlijnen positief op het advies van de studiegroep. Ze noemen allebei het verhogen van de AOW-leeftijd als een mogelijkheid die serieus bekeken moet worden. "Als je de leeftijdsgrens in een periode van 24 jaar optrekt naar 67 jaar - een maand per jaar - ben je van de twee duurste AOW-jaren af", aldus Van Beek.

Voor het fiscaliseren van de AOW voelen Van Beek en Bakker weinig. Volgens Van Beek komt dat neer op een belastingverhoging voor 65-plussers. "Je moet de problemen niet eenzijdig afschuiven naar één groep."

Vergrijzingskosten

Net als Zalm zien Bakker en Van Beek het langer aan de slag houden van werknemers onder de 65 als de beste manier op de vergrijzingskosten op te vangen. Bakker ondertreept wel dat het arbeidsaanbod de komende jaren nauwelijks nog zal toenemen als gevolg van de veroudering van de bevolking. Het verhogen van de AOW-leeftijd is daarom een goede manier om het aantal werkenden te verhogen.