SYDNEY - De oliemaatschappij Shell kampt opnieuw met tegenstand van milieugroeperingen bij de uitvoering van een omvangrijk gasproject. Deze keer probeert de Environmental Protection Authority (EPA) een stokje te steken voor het zogeheten Gorgon-project voor de kust van West-Australië.

De EPA maakt vooral bezwaar over de gevaren voor het milieu op het natuurmonument Barrow Island, waar volgens de plannen een gasverwerkingsinstallatie moet komen. "Het project is onacceptabel ten aanzien van het milieu en vooral het leefgebied van schildpadden. Wij raden de overheid ten zeerste aan het project af te blazen."

Walvissen

Shell kampte eerder met soortgelijke problematiek toen het werd gedwongen het ontwerp van het Russische gasproject op het schiereiland Sachalin aan te passen. Volgens lokale milieugroepen bracht het oorspronkelijke ontwerp de paaigronden van walvissen in gevaar.

Met het project in het Gorgon-veld is een investering gemoeid van 11 miljard Australische dollar (circa 6,4 miljard euro). Oliemaatschappij Shell heeft een belang van 25 procent in het project, evenals Exxon Mobil uit de Verenigde Staten. De resterende 50 procent is in handen van het eveneens Amerikaanse Chevron.

Gasreserves

Het project voorziet in de ontginning van een kwart van de Australische gasreserves en de verkoop daarvan vanaf 2007. De eerste leveringen zijn inmiddels overeengekomen met bedrijven in Japan, India en de Verenigde Staten.

Minister-president Alan Carpenter van Western Australia stemt ondanks de kritiek van EPA vooralsnog in met het project. Volgens de branchevereniging Australian Petroleum Production and Exploration Association stijgt het bruto binnenlands product door het project met 2,9 miljard Australische dollar per jaar.