LONDEN - Bij het hooggerechtshof in Londen is dinsdag een zaak begonnen die passagiers hebben aangespannen tegen 28 luchtvaartmaatschappijen, waaronder KLM, wegens gevallen van trombose. De slachtoffers eisen vele miljoenen aan schadeloosstelling.

Het gaat bij de zaak om het 'economy class syndroom'. Slachtoffers van een bepaalde vorm van trombose (DVT) zeggen dat de bloedproppen zijn ontstaan als gevolg van krappe zitruimte, een laag zuurstofniveau en een lange vliegtijd. De maatschappijen zouden hun passagiers bewust niet waarschuwen, ook al zijn ze volgens de klagers al jaren op de hoogte van het syndroom.

Dinsdag begon bij het Londense hof een hoorzitting van drie dagen. Daar moet duidelijk worden of de 56 slachtoffers en familieleden van overledenen een proces kunnen afdwingen. Centraal staat de vraag of DVT valt onder de Warschau-conventie. Daarin is vastgelegd dat luchtvaartmaatschappijen aansprakelijk zijn voor ongevallen die passagiers overkomen aan boord van een vliegtuig. De maatschappijen vinden dat DVT niet kan worden aangemerkt als ongeval.

Een woordvoerder van KLM kon dinsdag nog geen nadere bijzonderheden geven over de zaak. Wel verwees hij naar een vergelijkbare zaak in Australië. Daar werd onlangs een claim van een KLM-passagier die beweerde trombose te hebben opgelopen tijdens een lange vlucht, afgewezen. De rechter oordeelde dat er geen aantoonbaar verband was tussen de klachten en de reis.

Vorige maand betaalde de Britse maatschappij Virgin Atlantic een passagiere 13.000 pond sterling (20.000 euro) omdat ze tijdens een vlucht was 'geplet' door een naast haar zittende zwaarlijvige medepassagiere. De vrouw hield aan een elf uur durende vlucht trombose en een verdraaide beenspier over en had Virgin gedreigd met een proces.