VOORBURG - In 2005 bedroegen de uitgaven voor gezondheids- en welzijnszorg 61,5 miljard euro. Dat is 2,8 procent meer dan in 2004, zo blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dinsdag heeft gepubliceerd.

De zorguitgaven stijgen steeds minder hard. Het is voor het derde jaar op rij dat zij minder toenemen dan het jaar ervoor. In 2002 stegen de uitgaven nog met bijna 13 procent.

De grootste kostenpost binnen de gezondheidszorg, de ziekenhuizen en de specialisten, nam in 2005 slechts met 1,2 procent toe. Lagere tarieven van de medisch specialisten en een beperkte stijging van de lonen van het vaste ziekenhuispersoneel, waren er debet aan dat deze stijging gering was.

Vrije prijzen

Omdat de tarieven van onder meer huisartsen, tandartsen en verloskundigen nauwelijks omhoog gingen, bleef de stijging van de kosten in deze sector beperkt tot 2,1 procent. Door het experiment met vrije prijzen voor fysiotherapeuten werden zij wel fors duurder.

Bleven in 2004 de uitgaven aan geneesmiddelen gelijk, vorig jaar namen deze weer toe, met 4,4 procent. De prijzen bleven wel stabiel, maar het medicijngebruik nam toe, onder meer omdat de kosten van zelfzorgmedicijnen bij langdurig verbruik weer worden vergoed.