AMSTERDAM - Directeur Peter Paul de Vries van de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) noemde de straffen in de Ahold-zaak in een eerste reactie "ongelooflijk laag". "Zeker als je die vergelijkt met het aantal punten dat de rechtbank bewezen acht. Dan is het onbegrijpelijk dat er geen onvoorwaardelijke celstraf is opgelegd."

De Vries kon zich ook niet vinden in het oordeel van de rechtbank dat de strafzaak waarvoor de voormalige topmannen Cees van der Hoeven en Michiel Meurs terechtstonden niet vergeleken kan worden met de fraude bij het Italiaanse zuivelconcern Parmalat en en het Amerikaanse energieconcern Enron. "Als je op deze manier de boel belazert, dan blijft dat in mijn ogen gewoon boekhoudfraude", aldus de VEB-directeur.

Pieter Lakeman van de Stichting Onderzoek Bedrijfsinformatie (SOBI) wilde geen inhoudelijk oordeel uitspreken over de strafmaat. Wel noemde hij het teleurstellend dat de Zweedse commissaris Roland Fahlin is vrijgesproken. "Wat ik ook heel teleurstellend vind, is dat de rechtbank spreekt van oplichting van de accountant. Daardoor worden aandeelhouders die een claim willen indienen tegen huisaccountant Deloitte op achterstand gezet", constateerde Lakeman.

Felle kritiek

Hij heeft al diverse malen felle kritiek geuit op de rol die Deloitte heeft gespeeld in de fraudezaak. Ook de rechtbank heeft zich tijdens de zaak kritisch uitgelaten over het accountantskantoor.

Lakeman was wel tevreden over het oordeel van de rechtbank dat de gewezen topman Van der Hoeven feitelijk leiding heeft gegeven aan de frauduleuze praktijken bij Ahold. "Dat is het enige positieve signaal dat de rechtbank heeft gegeven. Topmannen kunnen niet weglopen voor hun verantwoordelijkheid."

Hoger beroep

Het Openbaar Ministerie (OM) denkt nog na over een mogelijk hoger beroep tegen het vonnis in de Ahold-zaak. Officier van justitie Hendrik-Jan Biemond heeft dat gezegd kort na het vonnis van de rechtbank in Amsterdam. Hij noemde het terecht dat drie voormalige bestuurders van Ahold zijn veroordeeld. "Maar bij de strafmaat komt de rechtbank tot een andere conclusie dan het OM."

"In de ogen van het OM zijn er door de verdachten fouten gemaakt, grote fouten. Zij hebben de integriteit van het bedrijfsleven aangetast", zei aanklager Biemond nadat hij het vonnis had gehoord.

Het OM heeft veertien dagen de tijd om beroep aan te tekenen.