DEN HAAG - Mensen die aankloppen bij een voedselbank moeten verplicht en begeleid geholpen worden een structurele oplossing te zoeken voor hun armoede. Vicefractievoorzitter Verburg van het CDA stelt dat in haar plan van aanpak 'Weer op eigen benen staan' dat zij woensdag tijdens een debat in de Tweede Kamer zal inbrengen.

Verburg noemt als voorbeeld de voedselbank in Gorinchem waar klanten eerst gevraagd wordt of ze bereid zijn om met hulp van onder meer de gemeente hun problemen aan te pakken. "Als een alcoholist geen afkicktraject wil volgen, dan krijgt hij daar geen voedselpakket. Een voedselpakket is tijdelijke hulp. Het is niet de bedoeling dat de alcoholist een extra fles wiskey kan kopen."

Goede resultaten

Verburg zegt de afgelopen tijd veel van de voedselbanken in 25 gemeenten te hebben bezocht. Daar heeft zij gezien dat de circa 10.000 klanten van deze particuliere hulpinstanties verschillend worden behandeld. Daar waar een goede samenwerking is met de gemeente en plaatselijke sociale dienst om de mensen verder te helpen, ziet zij goede resultaten.

Volgens het CDA-Kamerlid zijn de meeste voedselbanken bereid om aan haar plan mee te werken. Gemeenten kunnen volgens Verburg "het zich niet meer permitteren" zich afzijdig te houden met het argument dat het om particuliere hulp gaat. Zij onderkent wel dat er problemen zijn met privacywetgeving als voedselbanken en gemeenten gegegevens uitwisselen. "Maar waar de wet hulp in de weg staat, moeten we kijken of regels opzij geschoven kunnen worden."

Ontslag

De Wet werk en bijstand (WWB) is volgens Verburg ook juist in 2004 ingevoerd om voor meer maatwerk te zorgen. Zij wijst erop dat armoede vaak een complex probleem is met diverse oorzaken. Daarbij ziet zij combinaties van gevolgen van een ontslag, de lange tijd tussen aanvraag van een uitkering en daadwerkelijk het geld krijgen en de hobbels om hulp te vragen en te krijgen bij schulden, verslavings- en psychische problemen.

Armoedepreventie

Het CDA wil daarom dat meer gemeenten een actief netwerk gaan aanleggen voor armoedepreventie, die bestaat uit bijvoorbeeld ouderenorganisaties, diaconieën, scholen, maatschappelijk werk, huisartsen, wijkagenten en -verpleegkundigen. Ook moeten gemeenten coaches inzetten als een voedselpakket wordt aangevraagd en burgers actief informeren over het recht op bijzondere bijstand.

Kritiek

D66-Kamerlid Koser Kaya is kritisch over het CDA-plan, omdat voedselbanken als particuliere organisaties zijn ontstaan om mensen te helpen ongeacht de reden van hun armoede. "Als er nu ook samenwerking is met gemeenten, is dat mooi, maar dat kun je niet opleggen", stelt zij.

Twijfel

C. Sies van de Stichting Voedselbank Nederland noemt het CDA-plan leuk, maar twijfelt of het uitvoerbaar is. Volgens haar krijgen vooral voedselbanken in grotere steden vaak te horen dat samenwerking lastig is wegens een tekort aan mankracht bij gemeenten. "En wij werken met vrijwilligers, die vaak niet gekwalificeerd zijn om iemands doopceel te lichten. Toevallig werken bij sommige voedselbanken, zoals in Gorinchem, mensen met een achtergrond bij de sociale dienst of in het maatschappelijk werk."