AMSTERDAM - Rekeninghouders bij Van der Hoop Bankiers krijgen ongeveer 70 procent van hun tegoeden bij de failliete bank terug. "Wellicht zelfs dat nog een hogere uitkering mogelijk is, later." Dat heeft curator R. Schimmelpenninck donderdag gezegd tijdens een bijeenkomst van de rechtbank in Amsterdam.

De stichting Hoop-Verlies waarin gedupeerde rekeninghouders zich verenigd hebben, schetst een nog positiever beeld en voorspellen dat de uitbetaling kan oplopen tot 90 procent van de uitstaande tegoeden. Schimmelpenninck noemde dat percentage echter "wel aan de hele hoge kant".

De failliete bank uit Amsterdam heeft momenteel ruim 130 miljoen euro in kas zitten. Daar staat tegenover dat schuldeisers circa 160 miljoen euro claimen bij Van der Hoop, hoofdzakelijk rekeninghouders. Deze schuldeisers moeten concurreren met omstreden claims van enkele aandeelhouders en bedrijven, die samen een bedrag claimen in dezelfde orde van grootte.

De curatoren zijn het niet eens met die vorderingen en tijdens de vergadering donderdag bleek dat niet ten onrechte. Rechter-commissaris R. Jongeneel velde een oordeel over zes van de omstreden, torenhoge claims. Opgeteld ging het om een vordering van 132,4 miljoen euro, maar de rechter-commissaris oordeelde dat de schuldeisers mogen proberen maximaal 15,5 miljoen euro te innen.

Bluf

Enkele schuldeisers lijken blufpoker te spelen en zetten hoog in om zoveel mogelijk geld los te krijgen. Een voorbeeld daarvan was de claim van NMT Holding. De financieel dienstverlener uit Rotterdam eiste ruim 122 miljoen euro van Van der Hoop. De rechter-commissaris bracht dat terug tot maximaal 10 miljoen en volgens de curatoren is zelfs dat nog overdreven. "Ik denk dat er niet meer dan een paar ton uitkomt, maar het is moeilijk om in de toekomst te kijken", aldus Schimmelpenninck.

Ook van andere twijfelachtige, hoge vorderingen sprak hij de verwachting uit dat deze in de praktijk veel lager uitvallen. Dat is goed nieuws voor de rekeninghouders, die daardoor meer overhouden. Schimmelpenninck: "Velen vreesden aanvankelijk dat ze al hun geld kwijt waren, terwijl wij dachten dat het wel mee zou vallen."

Toen de curator op 9 december samen met accountant H. de Haan het roer overnam bij Van der Hoop, dachten zij in eerste instantie nog even dat ze de rekeninghouders volledig konden compenseren. Nadat onderhandelingen stukliepen over de verkoop van belangrijke onderdelen Van der Hoop aan de Belgische bank Degroof, moesten ze dat streven loslaten.

De bijeenkomst van schuldeisers vond vanwege de grote opkomst niet plaats in de rechtbank maar in een huurzaal. Daar waren ook de gewezen topman P. van Hooijdonk en directeur P. Stork van de bank uit Amsterdam aanwezig. Stork, die een verslagen indruk maakte, legde ten overstaan van de schuldeisers nog een verklaring af: "Het is triest dat het zo heeft moeten aflopen. Dat doet ook ons pijn."