AMSTERDAM - De brief waarin Ahold zeggenschap opeiste bij het gezamelijke Braziliaanse dochterbedrijf Bompreco was achteraf "niet slim". Dat zei voormalig financieel directeur Michiel Meurs dinsdag voor de Amsterdamse rechtbank.

De door de rechtbank ingeschakelde getuige Jan van de Poel beschrijft deze zogenoemde control letter als "de allerdomste daad van Ahold". "Dat is niet leuk om te horen, ik doe niet graag domme dingen", zei Meurs op de zesde zittingsdag van het strafproces rond de boekhoudfraude bij supermarktconcern.

Meurs, voormalig bankier bij ABN, nam de beslissing over de consolidatie van Bompreco "intuïtief". "Ik had het gevoel dat het moest kloppen. Als niemand zegt 'dit klopt niet', dan ga ik er geen wetboek op naslaan", aldus Meurs. "Ik ging er vanuit dat deze zaken werden bekeken door onze deskundigen." Daarmee doelt Meurs op de boekhoudafdeling van het concern.

Meurs stelde de brief op aandringen van de accountant Deloitte op. Het document diende als bewijs dat Ahold de baas was bij de Braziliaanse gezamenlijke onderneming. Dit was nodig om ook onder de Amerikaanse boekhoudregels de volledige Braziliaanse omzet te mogen meetellen bij die van Ahold. Ahold hield maar de helft van de aandelen in deze joint venture. Het supermarktconcern moet vanwege zijn beursnotering in New York ook onder Amerikaanse boekhoudregels rapporteren.