AMSTERDAM - De vierde zittingsdag in het strafproces rond de Ahold-fraude leverde maandag veel gedetailleerde vragen op waarop voormalig topman Cees van der Hoeven geen stellig antwoord kon geven. Van der Hoeven gebruikte veelvuldig het argument dat hij zelf niet direct betrokken was bij omstreden kwesties, waaronder het gebruik van geheime contracten. Bij de rechtbank in Amsterdam rees de vraag of de gewezen bestuursvoorzitter zich niet dommer voordoet dan hij in werkelijkheid is.

"U wordt omschreven als een buitengewoon intelligent man die bovenop de onderneming zat. Maar anderzijds zegt u vaak dat u op afstand stond van bepaalde problemen. Weet u eigenlijk niet meer dan u zegt", vroeg voorzitter Frans Bauduin van de rechtbank zich af. Van der Hoeven verwierp die suggestie met klem: "Op die vraag kan ik kraakhelder antwoord geven: ik houd niets achter."

Problemen

Volgens de ex-topman zette hij de grote lijnen uit en zorgde hij ervoor dat andere leidinggevenden zelf knopen konden doorhakken. "Het is niet zo dat ik als bestuursvoorzitter alle beslissingen nam. Als er zich problemen voordeden, was ik niet te beroerd om erin te springen. Maar bij de uitvoering van de oplossingen was ik niet meer dagelijks betrokken."

Op basis van deze dagelijkse gang van zaken aan de top bij Ahold claimde Van der Hoeven ook dat hij niet dagelijks betrokken was bij de consolidatieproblemen, die het concern uiteindelijk in een diepe crisis stortte. "Dat kwam ook doordat ik de relevantie van het probleem betrekkelijk vond."

Details

De rechter stuurde aan op een algemene verklaring van Van der Hoeven over zijn werkwijze als topman, omdat hij het fijne niet zegt te weten van diverse heikele momenten in het ontstaan van de fraude met gezamenlijke dochterbedrijven van Ahold in het buitenland. Een voorbeeld daarvan is dat hij geen details kan geven over de wijze waarop het supermarktconcern omging met de mogelijke verplichting om een aanvullend belang van 20 procent in de gezamenlijke onderneming met ICA in Zweden te kopen.

"Uiteraard viel dat onder mijn eindverantwoordelijkheid. Maar ik zou zeggen dat het onder de directe verantwoordelijkheid van de financiële mensen bij Ahold viel." Van der Hoeven noemde het de problematiek van zijn topfunctie dat hij nooit alle documentatie binnen het concern kon doornemen, maar dat hij wel overal verantwoordelijk voor was.

Nieuwe feiten

De rechtbank besteedde een tweede volledige zittingsdag aan de rol die Van der Hoeven heeft gespeeld bij de fraude, waarbij de omzet van gezamenlijke dochterbedrijven in het buitenland volledig als concernomzet van Ahold werden opgevoerd. Veel nieuwe feiten kwamen daarbij niet boven water.

De gewezen bestuursvoorzitter hield vol dat hij niet direct betrokken was bij het opstellen van geheime contracten die nodig waren om toestemming te verkrijgen van de buitenlandse zakenpartners voor de omzetconstructies. Hij herhaalde dat hij de zogenoemde side letters ter kennisgeving heeft getekend.

Dinsdag en woensdag zal de rechtbank de voormalig financieel directeur Michiel Meurs ondervragen.