Duitsland zoekt naar vervolg op extreem goedkoop en populair ov-kaartje
De Duitse bondskanselier Olaf Scholz wil graag verder met het spotgoedkope ov-kaartje dat het land in het leven heeft geroepen. Reizigers konden in de maanden juni tot september voor 9 euro per maand onbeperkt gebruikmaken van het openbaar vervoer. Er zijn wel zorgen over de hoge kosten voor de overheid.
Zo zegt minister van Financiën Christian Lindner dat het zeker 14 miljard euro per jaar kost om het goedkope ov-kaartje te laten voortbestaan. "Dat is geld dat bijvoorbeeld ook in onderwijs gestoken kan worden", waarschuwde hij.
De Duitse bevolking vindt het ov-kaartje een groot succes. Zo waren de treinen in juni 42 procent voller dan in juni 2019. Dat zou dus vooral komen door reizigers die anders helemaal niet waren weggegaan. Volgens de cijfers hadden in juni 30 miljoen mensen het maandticket.
Volgens Scholz worden overleggen ingepland om een "passend vervolg" op het ov-kaartje te vinden. "Het Duitse volk heeft aangetoond dat een simpeler ov-ticketsysteem te willen", beaamt de bondskanselier.
Het ov-kaartje was oorspronkelijk bedacht om inwoners te compenseren voor hoge brandstofprijzen. Op die manier konden mensen alsnog relatief goedkoop naar hun bestemmingen reizen. Het kaartje geldt voor alle metro's, bussen, trams en bijna alle treinen, met uitzondering van hogesnelheidstreinen en intercity's.
