Waar hier en daar werd gevreesd voor economische stilstand of zelfs krimp, is de Nederlandse economie in het tweede kwartaal van dit jaar juist behoorlijk gegroeid. Dat geldt zowel kwartaal op kwartaal (een plus van 2,6 procent) als vergeleken met dezelfde periode vorig jaar (plus 5,3 procent).

Dat heeft statistiekbureau CBS woensdag bekendgemaakt in een eerste raming over de prestaties van de economie.

Vooral de export en investeringen van bedrijven leverden een bijdrage aan de groei. En wij gaven met zijn allen ook nog meer geld uit, maar dat werd in de laatste maand van het kwartaal wel ietsje minder. De overheid leverde de meest bescheiden bijdrage aan het geheel.

"De Nederlandse economie zit nog steeds in de hoogste versnelling", zegt hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen van het CBS. "Er was vrees voor een recessie, maar daar is geen enkele sprake van." Maar dat het zo goed gaat, heeft zeker niet alleen voordelen.

"De nadelen zie je vooral in de krappe arbeidsmarkt. En het feit dat we met zijn allen zoveel geld uitgeven, draagt ook bij aan de inflatie." In de eerste maanden van dit jaar hadden we voor een deel nog te maken met coronamaatregelen, waaronder lockdowns.

Veel geld uitgeven voedt de inflatie

Het geld brandde ons bij wijze van spreken in de zak. "Iedereen wil weg, op vakantie, een dagje uit, naar het restaurant", somt de CBS-econoom op. "Als iedereen een tafeltje wil in een restaurant, wordt dat tafeltje wel duurder." Als er veel geld in de economie wordt gepompt, heeft dat een prijsopdrijvend effect.

De echte pijlers onder de groei waren in de maanden april, mei en juni de export en de investeringen. "Die waren voor een deel incidenteel", weet Van Mulligen. Zoals investeringen in vliegtuigen of schepen. De export heeft een stabielere basis. "De producten die wij exporteren, daar is nog steeds veel vraag naar."